Wat geloven niet is, en wel …

WEL

Geloven = betrouwbaar zijn/ waar zijn; geloof = betrouwbaarheid.

Geloof als vertrouwen in de betrouwbaarheid van een ander is gebaseerd op ervaring, al dan niet bewezen volgens erkende waarnemers en kenners. Geloof kan nooit feitelijke kennis vervangen, wel in een ander licht stellen, namelijk het licht van het vertrouwen. Als geloof niet leidt tot zelf betrouwbaar zijn, heeft geloven zijn doel duidelijk gemist.

NIET

Geloof # een voor ieder inzichtelijke onjuistheid of dwaasheid onderschrijven; geloof = openstaan voor wat verder gaat ofwel meeromvattend is dan alleen rationaliteit, namelijk voor wat ons bestaan en kennen mogelijk maakt, eraan ten grondslag ligt, dus iemand die of iets dat (alleen) ‘vertrouwd’ kan worden.

Vertrouwen doe je niet in leerstellingen (woordensamenstellingen op zichzelf; ook wel waarheden genoemd) maar in de betrouwbaarheid van een persoon of andere werkelijkheid die betrouwbaar is gebleken voor degene die vertrouwt (of dat nu objectief of alleen subjectief vaststelbaar en vastgesteld is, dat wil zeggen door meerderen volgens afgesproken regels dan wel alleen binnen een kring van gelijkgestemden zonder verdere regels of alleen door 1 persoon).

GROND

In de christelijke tradities wordt geloof afgeleid van of gelijk gesteld met het vertrouwen in God. In de oude (Joods-)christelijke geschriften ligt aan wat met ‘geloof’ wordt vertaald, het Griekse woord ‘pistis’ ten grondslag. Volgens het woordenboek betekent dit in de eerste plaats betrouwbaarheid en in de tweede plaats geloof.

Reactie

Wat vind jij? Kun je hierdoor beter begrijpen hoe ‘geloven’ oorspronkelijk opgevat is door bijvoorbeeld Jezus? Blijkt dit uit zijn leven?
En wat zou dit kunnen betekenen als je zijn voorbeeld waardeert en hoog acht?

DAOÏSME: inleiding & DAODEJING: lopende samenvatting en commentaar & LEZERSREACTIES

Kernwoorden: , , , , , , , , , ,

 

Reageren op de Daodejing-teksten

Het introbericht van dit blog dat bezoekers als eerste zien, begint met een telkens nieuw hoofdstuk van Lao Zi’s Dao De Jing of “Het Boek van de Weg en de Deugd” in de typografische combinatie door mijn neef Boudewijn Koole* van drie vertalingen. Die zijn gebaseerd op wat in de OB van Rotterdam indertijd (plm. 2007) toevallig beschikbaar was. Het treffende van zijn typografische combinaties vind ik dat zowel de verscheidenheid in ‘vorm’ als de overeenkomst in ‘inhoud’ van de vertalingen prachtig zichtbaar wordt. Mijn neef en ik waarderen deze teksten juist daarom.

Onderaan dit bericht is de actuele combinatie van drie vertalingen ook weergegeven. Mijn neef overweegt iets vergelijkbaars te maken in de vorm van een app en ook de vertalingen in het Nederlands van Henri Borel, Robert Henricks, Paul Kluwer en Kristofer Schipper daarbij te betrekken.

* Hij is Boudewijn Koole D.enJ.zn en ik ben L.enS.zn; wij zijn twee van zes volledig gelijknamige neven (vier in Nederland) en van zeven qua voornaam (vijf in Nederland). In British Columbia (Canada) woont zo Robert [=Boudewijn] Koole P.enP.zn. En samen zijn wij onderdeel van zo’n veertig nichten en neven, waarvan ongeveer de ene helft in Nederland en de andere in Canada woont.

Nederlandse auteurs over daoïsme

Deskundige Nederlandse auteurs die ons geholpen hebben over deze teksten na te denken zijn (Dr.) René Ransdorp, zie zijn fijnzinnige en leerzame boek “Zwerven met Zhuang Zi” (over de grote navolger van Lao Zi), en (Dr.) Woei Lien Chong, zie haar helder oriënterende boek “Filosofie met de vlinderslag” (over zowel Lao Zi als Zhuang Zi), die beide naar talloze andere auteurs verwijzen waar ook veel van te leren valt! Wij zien uit naar het moment dat René Ransdorp die al jaren lesgeeft over de grondtekst en betekenis van de Dao De Jing, zijn op diepgravende studie van onder meer de Chinese commentaren gebaseerde eigen vertaling ervan zal publiceren [opmerking: René Ransdorp is eind maart 2017 overleden; mij is op dit moment nog niet bekend of zijn vertaling al persklaar was/ is].
Hij leerde dat leven (in de meest omvattende zin) en ‘leren’ bij elkaar horen, dat forceren zelden gewenst is en dat de dingen vanzelf hun loop hebben; ook dat we ons ‘zelf’ daarin vinden/ loslaten (v.v.) kunnen.
Ook Elly Nooyen, leerling in de Internationale School van het Rozenkruis en tevens oud-leerling van René Ransdorp, deelde en deelt in boeken en lezingen haar inzichten vanuit, in en over Dao onder meer vanuit die tradities van Dao-uitleg mee.

Reageren?

Plaats voor een nieuwe reactie (nieuw onderwerp of nieuwe vraag) je cursor in het alleronderste lege vak en noem s.v.p. eerst het hoofdstuknummer of punt waarop je reageert of dat je zelf aandraagt. Je kunt ook op de bestaande reacties reageren: via het vak ‘Reacties’ dat onder ieder bericht staat. Hier nog even een blik op het actueel gepresenteerde hoofdstuk.

Klik op bovenstaande tekst om deze te vergroten of gebruik deze link: Dao De Jing-76 Geplaatst op 5 oktober 2020.

Wie helpt met WordPress?

Kernwoorden: , ,

  • Wie de structuur en het gebruik van WordPress goed kent en bereid is vrijwillig een vraag over het gebruik van WordPress te beantwoorden, zou ik graag om die hulp vragen. Af en toe kom ik bij het maken en invoeren van teksten voor praktische vragen te staan waarop ik het antwoord niet zelf kan vinden, of alleen met de grootste moeite en tijdsinspanning. Bijvoorbeeld: hoe ik iets moet begrijpen of hoe ik iets (beter) kan doen.

Actuele vragen:

  • koppeling van teksten zowel aan onderwerpenmenu als aan blogmenu,
  • alle pagina’s en items optimaal geschikt maken voor zoekmogelijkheden,
  • hoe de beste backup maken en wanneer updates bijwerken,
  • het maken van een betere tag-wolk,
  • het verbeteren van kleine foutjes die door het overzetten in de tekst ontstaan zijn: kan dit met ‘zoek en vervang’ voor alle teksten tegelijk (met mogelijkheid tot wel of niet vervangen per geval)?.

Sommige vragen zijn hoop ik gemakkelijk te beantwoorden, andere kosten wellicht meer tijd om uitleg te geven of om uit te voeren.

Mijn grootste wens is iemand vinden die voldoende thuis is in de instellingen van mijn nieuwe WordPress-configuratie, want op dit moment kan ik niet goed beoordelen of de site robuust en werkbaar genoeg is (wat misschien wel zo is maar ik kan het niet goed zelf inschatten laat staan verbeteren). Ik hoef niet precies te begrijpen of de configuratie klopt maar met behulp van jouw inzicht (!) wel graag de regie over mijn site blijven houden. Vroeger programmeerde ik zelf een en ander, nu wil ik vooral robuust blijven en daarvoor zo nodig snappen hoe een en ander het beste werkt. WordPress is een schitterend programma, maar voor mij best uitgebreid om in thuis te raken … Of is de huidige configuratie juist prima geschikt om nog jaren mee verder te gaan: kortom hoe houd ik de zaken voor mij als tekstmaker eenvoudig ofwel overzichtelijk?! Ben je iemand die in deze instellingen gauw thuis raakt door even te kijken? Dan kun je mij wellicht gerust stellen over de werking en configuratie van de site.

Als je een of meer vragen wilt beantwoorden of advies over een probleempje geven dat mij een lange zoektocht kan besparen, dan vraag ik je op dit bericht te reageren. Ik neem dan contact op zodat we kunnen kijken wat de beste mogelijkheden zijn voor ons beiden. Ik ben in dat geval bereid een intensiever of langduriger contact aan te gaan.

Vertrouwelijke afhandeling garandeer ik; graag naam, introductie van jezelf en je motivatie/ ervaring/ deskundigheid, (misschien) iets van je visie op deze website, je telefoonnummer en emailadres en je voorkeur van contactmiddel vermelden.

Tot sprekens, hoop ik!

Boudewijn Koole

P.S.

Laat ik iets meer uitleg geven over de context van mijn vraag. Als je je verwant voelt met de inhoud en/ of de vorm van mijn site, biedt dat wellicht extra aanknopingspunten.

Deze tekst-site werkt met gevarieerde simpele tekstvormen van vooral bespiegelende en inhoudelijke aard. Mijn ideaal voor de site is dat de taal zelf (onderwerpen, tekstvormen) genoeg structuur biedt voor navigatie en zoeken, zie de indeling van de linker kolom. Mijn vorige site in HTML-CSS (met blog in WordPress) is overgezet naar één WordPress-site (deze), met alle tekstvormen en onderwerpen daarin opgenomen als ingangen. De bedoeling is dat de site geschikt blijft voor zijn doel en robuust blijft zodat hij weer een tijdje mee kan (en geschikt blijft voor updates).
Gezien mijn ervaringen na de omzetting zoek ik af en toe enige hulp bij het hanteren van de HUIDIGE WordPress-structuur van deze site, vooral ook het leren kennen van de verschillende invoermogelijkheden. Ik zoek vooral hulp die mij op weg helpt om dat deel van de structuur en de menu’s te begrijpen waar ik dan mee bezig ben (mogelijk ook de samenhang met de database-structuur?), en mij helpt om voor bepaalde veel voorkomende werkzaamheden/ handelingen zelf simpele ‘handleidingen’ te maken. En die mij helpt onnodige of onhandige configuratieveranderingen te voorkomen. Zodat ik vooral met de teksten zelf bezig kan zijn.

Drie soorten hulpvragen:

  • kijken en bewaken hoe robuust de site als geheel in elkaar zit en hoe robuust hij kan blijven
  • adviseren hoe bepaalde soorten teksten op de site het beste ingevoerd kunnen worden en hoe bepaalde ADD-ons werken en samenhangen
  • adviseren over de werking van kleinere onderdelen of de aanpak van praktische problemen van de site

 

&nbsp

Een universeel Onze Vader

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , ,

In de noten bij onderstaande “proeve” worden de gemaakte keuzes verduidelijkt.

 

[Een universeel i Onze Vader en Moeder]

 

Onze verheven ii Vader-Aanstichter [van alles] iii ,

en [alles dragende] Moeder Wijsheid, [alles helende] Heilige Geest iv !

Geheiligd worde uw Naam

kome uw Rijk

en geschiede uw Wil op aarde zoals in de hoge v .

Geef ons vandaag vi het brood van uw aanwezigheid vii.

Vergeef ons onze schulden zoals wij hen vergeven die ons schuldig zijn

En voer ons niet in de beproeving van de ondergang viii maar verlos ons van de kwade neiging. ix

[Amen.]

 

 

[i]

i Met universeel geef ik aan de universele betekenis van de gebruikte begrippen en motieven naar voren te willen halen. Vaak wordt die mogelijkheid vergeten of op een wijze ingevuld die een hogere waarheid of positie impliceert voor de (particuliere) traditie waarin een bepaalde tekst is ontstaan en waaruit hij voortkomt. Maar dat hoeft niet per se. Want al het bijzondere (particuliere) is dat slechts in wisselwerking met ofwel in verhouding tot het algemene (universele), en omgekeerd: wij leren beide slechts via elkaar kennen. De universele waarheid is dus ook niet per se hoger of beter. Het is echter wel belangrijk ruimte te maken voor het steeds opnieuw zoeken naar de verhouding van particuliere en universele betekenissen van culturele elementen, zeker ook van de taal. Het universele en het particuliere sluiten elkaar nooit absoluut uit maar wel altijd in (tenzij men meent aan de ‘eigen’ beperkte traditie, omgeving of groep of persoon genoeg te (moeten) hebben d.w.z. ‘andere’ die buiten staan, uit te mogen sluiten: die mening is echter altijd een particuliere keuze, ook als men die als onontwijkbaar ‘waar’ – dus universeel – beschouwt). Hierbij speelt de verhouding van de taal ten opzichte van de werkelijkheid en vice versa een rol. Wie, zoals ik, ervan uitgaat dat beide niet buiten elkaar om gedefinieerd kunnen worden kan met taal geen uitsluitsel bieden aangaande de absolute werkelijkheid maar slechts de onvermijdelijke samenhang en grenzen van de taal aanwijzen (en zo wel de absoluutheid wel steeds opnieuw vormgeven of benaderen).

[ii]

ii Letterlijk “in de hemelen” maar dit is niet hetzelfde begrip van de “hemel” als in het latere christendom. Het meervoud kan heel goed “hoogten” betekend hebben. De verwijzing omvat in ieder geval de hoogheid en alomvattende betekenis van de Vader. In den hoge is zijn troon, naast die van Vrouwe Wijsheid, zijn gemalin. De Joodse en christelijke godsvoorstellingen omvatten oorspronkelijk mannelijk en vrouwelijk beide (zie noot iv).

[iii]

iii De ene God heet in de Joodse traditie letterlijk “Jahoe” dat is “Hij doet zijn”. Een huidig woord voor ‘aanstichter’ zou ook ‘initiatiefnemer’ kunnen zijn, zij het dat dat een meer psychische en minder omvattende (bijvoorbeeld fysieke) betekenis lijkt te hebben. De opvatting van God als schepper (Genesis 1) is een latere betekenis die in het gebed van Jezus overigens mee inbegrepen kan zijn. De betekenis “Ik ben die ik ben” is een secundaire uitleg die de (dubbel)geslachtelijkheid (het man en vrouw zijn) van God wegpoetst. Het is niet moeilijk goddelijke eigenschappen in te delen in deels (overheersend) mannelijke, deels (overheersend) vrouwelijke (waarbij opgemerkt moet worden dat die bij in tijd en plaats verschillende culturen nog wel eens verschillend opgevat resp. toegewezen worden). Overigens dient opgemerkt te worden dat “Jahoe” in de voor-Joodse te weten Hebreeuwse traditie zoon was van de vadergod El, waarbij zowel op het niveau van vader als van zoon een partnergodin figureerde (zie volgende noot).

[iv]

iv God is overal, en ‘zijn’ hemelse werkelijkheid ook. Begrijpen kunnen we dit niet, maar we kunnen heel goed zeggen dat de hemelse werkelijkheid in de gewone (‘aardse’) werkelijkheid verborgen is zolang wij het hemelse aspect daarin niet (meer of nog niet) zien. Hoe we dat kunnen zien, is een levenslange opdracht en zoektocht, altijd als een gave die wij mogen ontvangen. Dit gebed gaat daarover! Dat heeft te maken met de mogelijkheid die wij hebben om voor dit aspect open te staan, ermee in verbinding te staan, dan wel dit aspect af te wijzen, niet te willen zien. Om nog duidelijker te zijn: het gaat er om dat de hemel op aarde zichtbaar wordt. Zoals blijkt uit dit hele gebed.

De tweede regel van de aanhef verwijst naar de Godin die onder verschillende namen door de Joden werd vereerd. Haar geschiedenis is relatief onbekend maar goed terug te vinden in bronnen van voor de ballingschap en erna, bij Joden (en hun Hebreeuwse voorouders) in en buiten Palestina. Overigens parallel aan de goden in bijvoorbeeld Ugarit. Ik baseer me voor deze context onder meer op de publicaties van Margaret Barker, de briljante hebraïste, die onder meer bestudeerde hoe de godin uit het Oude Testament (een selectie uit veel meer boeken) werd gehouden en werd weggewerkt, maar in veel bredere context waaronder inscripties en andere Hebreeuwse en Joodse geschriften aanwezig en aanwijsbaar bleef. Wijsheid en Heilige Geest zijn (naast Shechina) de bekendste namen waaronder zij in het Jodendom aanwezig is, Heilige Geest vooral omdat die naam ook in het latere christendom een belangrijke plaats inneemt. In het Aramees sprekende vroege christendom werd de Heilige Geest als vrouwelijke (goddelijke) persoon beschouwd, ook als moeder van Christus. Ook al staat deze aanhef niet met zoveel woorden in de evangelies van Matteüs en Lukas (waar het Onze Vader aan ontleend is, zij het in uiteenlopende bewoordingen), zij komt dus voor (zij het niet in de weergave van het Onze Vader maar in andere gebeden, gedichten en liederen) in Aramees sprekende stromingen van het oudste christendom. Verder komt de Wijsheid- ook Jezus als de Wijsheid – regelmatig voor, onder meer in de nieuwtestamentische geschriften.

Ook Paulus gebruikt de beeldspraak dat bij wie gedoopt is tot ‘zoon’ van God, geen sprake meer is van (het onderscheid tussen) vrouw en man (net zo min als tussen Jood of Griek, slaaf of vrije). Deze gelijkwaardigheid van vrouwen en mannen had zeer praktische consequenties – vrouwen en mannen konden beiden belangrijke rollen hebben en posities bekleden – die echter al snel teruggedraaid werden waar men zich (her)aanpaste aan in de Romeins-hellenistische maatschappij gangbaarder gebruiken. Merk op dat ook bij Paulus de beeldspraak nog patriarchaal is: gedoopt wordt men tot ‘zoon’ van God, kennelijk nog niet tot ‘dochter’. Maar dat is door zijn opvatting wel mogelijk en kan dus zo begrepen worden. Er is geen reden waarom wij deze mogelijkheden in de taal per definitie zouden moeten ontkennen of negeren in de praktijk. Waar dat toch gebeurt, is dat een keuze die ook anders uit mag vallen.

Diegenen die de beeldspraak van een vader en een moeder als te menselijk ervaren, zouden de eerste twee regels kunnen vervangen door de aanhef ‘Onze Vader-Moeder’, naar het regelmatig voorkomende gebruik van de term Vader-Moeder bij christenen uit de eerste eeuwen (die merendeels Joden waren, zij het steeds meer gehelleniseerd). Degenen die de beeldspraak van een hemelse Vader en Moeder als te verheven of te hoog en te groots ervaren om zich er toe te kunnen richten, zouden van ‘Onze Schepper’ en ‘Onze Wijsheid’ kunnen spreken, want de verhalen spreken duidelijk van de Schepper en de Wijsheid die samen alles tot bestaan brachten. Hoe dan ook, het moge duidelijk zijn dat niets van wie wij zijn of wat ons gegeven is, door ons zelf is gemaakt: wij hebben alles gekregen. De Godsnamen zijn in het verleden dan ook wel vervangen door algemenere: ‘Onze Bron’, ‘Een/Ene’, ‘Gij met de talloze namen’, enzovoort. De tegenstelling tussen een persoonlijke god (hij/zij) en een onpersoonlijke (het) is eveneens kunstmatig, want afhankelijk van onze indeling van de werkelijkheid in personen en zaken en van de bijbehorende naamgeving. We kunnen evengoed zeggen dat dode dingen niet echt dood zijn, als dat alleen personen leven. Beide drukken (door ons gewild en bedacht) aspecten uit van wat de ervaring is van een totaal.

[v]

v Heiligen betekent heel maken, toewijden aan God; God – in al zijn mannelijke en vrouwelijke functies – is zelf altijd de grote Heelmaker. Aan Margaret Barker ontleen ik dat wat wij kennen als ‘heilige der heiligen’ (het binnenste gedeelte van de tempel) heel goed vertaald kan worden als ‘heiligende’. Bij die functies komen ook scheiding, afsplitsing, onderscheid maken voor. Maar die dienen uiteindelijk om heelheid via heelwording mogelijk te maken; God en zijn schepping zijn altijd door worden gekenmerkt: door beweging en verandering die eenheid en heelheid veronderstelt en beoogt. Het heiligende wordt in de geschriften ook vele malen verbeeld als de (bijna letterlijke) stroom van genade die heel maakt. Het gaat om een doorgaand gebeuren: wat of wie geheiligd wordt, neemt daaraan deel door zelf ook te heiligen en heel te maken. Al in de Hebreeuwse tijd vervulde de tempel hierbij een centrale rol, en daarin de koning-hogepriester en koningin-hogepriesteres, zodat land en volk ieder jaar opnieuw geheiligd werden.

[vi]

vi En niet alleen ooit. Dit hele gebed staat in het teken van de reeds gekomen en komende heilzame kracht van Gods aanwezigheid (de hemel). De tijd zal komen en is nu al. De hemel is al op de aarde aan het komen overal waar dit wordt beseft, eraan wordt gedacht, dit wordt gewenst. Deze komst is de komst van het rijk van God op aarde. Die al is begonnen, en waaraan wij al kunnen deelnemen (onder Gods hoede) en waarvan de voltooiing altijd al op handen is. Niet buiten onze aandacht en geestelijke activiteit om, in verbinding met en van energie voorzien door de heel makende en helende goddelijke kracht die wij mogen aanroepen en over ons afroepen. Bidden is een krachtige vorm van (witte) magie. Voor noot 6 en noot 7 zie ook: Margaret Barker, The Great High Priest: The Temple Roots of Christian Liturgy, London/ N. York (T&T Clark) 2008 (2003-1e), 101v.; id., Temple Themes in Christian Worship, id. 2007, 201-219 (208).

[vii]

vii Letterlijk staat hier: het brood ‘dat er bij is’. Dit ‘er bij zijn’ kan opgevat worden op verschillende manieren, maar een van de goed denkbare opvattingen die past bij een Arameestalige achtergrond is het brood ‘van (het of uw) erbij zijn’. De uitleg als ‘van uw aanwezigheid’ is niet alleen taalkundig acceptabel, maar ook tegen de achtergrond van de ‘toonbroden’ die in de tempel stonden en de goddelijke aanwezigheid aanduidden. Die aanwezigheid had niet alleen op geestelijke aanwezigheid betrekking maar verwees uiteraard heel direct naar voldoende voedsel en alle verdere “bestaansmiddelen”, kortom naar een volledig heel en heilzaam leven waaraan niets ontbrak. Zie ook noot 6.

[viii]

viii Tegenwoordig breed erkende juiste vertaling. De beproeving slaat op alle rampen, al het kwade dat ons kan overkomen, speciaal in de eindtijd waarin de strijd van goed en kwaad tot haar hoogtepunt komt, kort voordat het rijk van God overwint. Deze eindtijd is altijd dichtbij, net als de hemel. Het koninkrijk komt al overal waar het goede mee aan en mee door ons wordt gedaan. Dat is een innerlijke beweging die uiterlijke gevolgen heeft. Wij mogen met deze beweging instemmen, eraan meedoen, ons aandeel erin leveren. En wel zo dat wij de bijbehorende beproeving aan kunnen (zodat ze geen te zware beproeving is).

[ix]

ix Of: van het verderfelijke. Het gebruikte woord kan zowel bijvoeglijk als zelfstandig opgevat worden. In de ontstaanstijd van het gebed werd het verderfelijke ook gezien als gepersonifieerd in boze geesten, onder aanvoering van de duivel. Denk aan demonen die onze geesten kunnen beheersen, en aan de Satan als tegenspeler van de goede God. (In die zin zou ook vertaald kunnen worden met ‘de’ verderfelijke in plaats van ‘het’.) Maar er is geen reden bij voorbaat om alleen van de duivel verlost te willen worden en niet van onze eigen slechte neigingen. Dezelfde betekenis komt voor in geschriften uit vergelijkbare tijd zoals Didache 3:1. In het perspectief van de voorgaande delen van het Onze Vader kan gelezen worden: “Verlos ons van het verderfelijke in en buiten ons dat uw aanwezigheid en de komst van uw rijk (die al begonnen is) blokkeert”. “Boze” is niet erg gangbaar meer in de betekenis van “kwaad beogende en doende” of “(inbegrip van de) (moreel) slechte”.

Maak je geen zorgen!

Voor wie ongeluk ervaren, is echt geluk bestemd. Want je bent al deel van het ene wonder dat bestaat en kunt dat blijven. Zo luidde het een kleine eenentwintig eeuwen geleden in de mond van Jezus volgens het evangelie van Matteüs. Daarover enkele notities, een * verwijst naar de korte toelichting van begrippen onderaan.

Je bent verbonden met je hart en zo met het hart, de kern, van het heelal. Want hemel* en aarde, geest en lichaam, hart en leven, zijn geen gescheiden werelden: wie ze als absoluut gescheiden voorstelt, leeft in een illusie. Alle werelden – groot of klein – zijn samen één. En vanuit de kern* of verbonden met hun kernen is en komt alles goed, ook al is de weg onzeker of onduidelijk of loopt die via kleine of grote of zelfs de diepste afgronden van de ervaring: armoede, ziekte, onvolmaaktheid, dood, verdriet, zwakte, onrecht, onbegrip, harteloosheid, oneerlijkheid, onbetrouwbaarheid, bedrog, vernedering. Of gescheidenheid van werelden.
Ik citeer de volgende woorden van Jezus:

“Laat de hemelse* rijkdom het allerbelangrijkste voor je zijn.
Elk mens kan licht uitstralen. Als je doet wat God* wil, dan zul je licht uitstralen. … Als je helemaal niet doet wat God* wil, dan is het licht in jou uitgegaan.
… Je kunt dus niet tegelijk voor God* en voor het geld leven.

Maak je geen zorgen …
En maak je geen zorgen …
Maak je dus geen zorgen. …
Maak je geen zorgen …
Maak je dus geen zorgen. Zeg niet: ‘Hoe komen we aan eten?’ of: ‘Hoe komen we aan drinken?’ of: ‘Hoe komen we aan kleren?’ Met die dingen** houden de mensen zich bezig die God* niet kennen. … Houd je bezig met Gods* nieuwe wereld en doe wat God* van je vraagt. Dan zal God* je die andere dingen ook geven.
Maak je geen zorgen over morgen. Bewaar die zorgen maar voor morgen. Je hebt het al moeilijk genoeg met vandaag.”
Uit Jezus’ Bergrede (Evangelie naar Matteüs; Bergrede hss. 5-7; deze citaten: 6:21-22, 23b, 24d, 25a, 25c, 27a, 28a, 31, 32a, 33-34 ; uit: Bijbel in Gewone Taal)

Bestaat dat echt: je geen zorgen maken voor morgen? Het echte geluk? Leef uit je licht, wees gedisciplineerd voor jezelf en vergevingsgezind voor iedereen, houd van je vijanden, val niet op, draag vandaag bij aan ieders leven en maak je geen zorgen over onbelangrijke zaken! Je bent en blijft vrij om samen voluit verlichte en menselijke mensen te zijn, ofwel Gods nieuwe wereld te helpen komen.
Die oproep van Jezus herinnerden zijn volgelingen zich, gedaan en herinnerd in een tijd dat zijn arme volksgenoten het slecht hadden en zijn land door de Romeinen bezet was, deels met hulp van rijkere of collaborerende landgenoten. En hoewel de heersende partijen helemaal niet met zich lieten spotten, ervoeren zijn volgelingen zijn visie en gedrag als echt en betrouwbaar, en brachten die ervaring en trouw verder. Samengevat: uiterlijke zaken en verhoudingen staan niet per se diametraal tegenover innerlijke maar vinden samen met de laatste hun heelheid en hun voltooiing in die harmonie die de uiteenlopende aspecten tot de grootste bloei brengt. Niet door louter exclusiviteit in denken en handelen, maar ook door inclusiviteit. Niet door forceren maar door afstemming. En ja, dat kost je leven net zo goed als dat het nieuw leven schept en schenkt; leven en dood zijn processen die niet zonder elkaar bestaan. En ja, dat lijkt soms uitsluitend vernietiging – maar die heeft altijd een andere kant. Dat mag verbondenheid en vertrouwen heten waarin je deelt, inclusief de rijping van ervaring die onderdeel van het leven kan zijn, nauw verbonden met de afstemming ook op noden** die zichtbaar worden.

Ik maak daarbij nog twee opmerkingen. 1 Rijkdom en macht zag Jezus wel als middelen van rechtvaardig bestaan voor individu en gemeenschap, maar niet minder als gevaar (onevenwichtige verhoudingen door gehechtheid aan rijkdom en macht of aan wat dan ook) voor individu en gemeenschap op weg naar echt geluk. 2 De verwerkelijking van geluk zagen Jezus, zijn leraar Johannes de Doper, en hun leerlingen en verwanten allereerst in afstemming van de aarde op de hemel* als eerste voorwaarde en als eerste onderdeel van het geluk en het heil (waartoe rechtvaardigheid en bloei in materiële zaken uiteraard ook behoorden). Die afstemming en de gevolgen daarvan omvatten vele aspecten van spiritualiteit (contact tussen hemel* en aarde, beleving daarvan in visioenen over van alles in hemel en op aarde, liederen, muziek, reizen in de verbeelding, bijzondere ervaringen en vele meer) die bestaande patronen kunnen doorbreken of vernieuwen. Want die beperken zich onder het mom van de kennis van de waarheid en van het algemeen belang soms tot wat godsdienst en politiek voor zichzelf wenselijk achtten – tot in de samenstelling van heilige geschriften en tradities toe. Openbaringen in de zin van de genoemde afstemming zullen echter nooit ophouden; schriftgeleerden en ideologen van godsdienst en politiek zijn schakels in het overbrengen en uitleggen van die stroom van openbaringen, maar niet de enige schakels. Ieder die er voor open wil staan, is al zo’n schakel; overigens evenmin een schakel die voor anderen dan voor zichzelf hoeft te spreken, dus evenmin een schakel die meer waarheid in pacht heeft dan die zij of hij zelf heeft ontvangen. Voor meer waarheid is (permanente) afstemming het parool. Wat een wonder!

* Toelichting van de gebruikte woorden. De hemel is de bron van de aarde, tussen hemel en aarde is een permanente wisselwerking in allerlei vormen. Alle dingen zijn met elkaar verbonden, de kern van die verbinding kan allerlei namen hebben of op allerlei manieren omschreven worden, hoewel taal nooit toereikt om de diepte van de betekenis van de kern voor het geheel en van alle wisselwerkingen te beschrijven. God is de naam voor die kern als levende – en dus zelf ook veranderende – bron. De werkelijkheid is een wonder, niet louter voorwerp van beheersing door de mens, al heeft die behalve wetenschap en techniek ook taal en andere manieren om met de werkelijkheid om te gaan – vanuit het respect dat het ene onderdeel aan het andere verschuldigd is, en in het besef dat er oneindig veel mogelijkheden voor dat ‘omgaan met’ bestaan. Je kunt je wil op de kern afstemmen, of volhouden dat je een eigen wil hebt en geheel zelfstandig kunt verwerkelijken. Het laatste brengt innerlijke en uiterlijke strijd mee, de overgave aan het eerste brengt rust, vertrouwen, betrouwbaarheid mee zonder kramp dat het allemaal van jou moet komen. Je bent verbonden met de kern.

** Vooronderstelling bij deze woorden is de dagelijkse onderlinge solidariteit binnen iedere gemeenschap binnen het voornamelijk uit armen bestaande volk als geheel die in de gebieden en kringen waar Jezus zich bewoog de norm waren, alleen al omdat zonder die noch gemeenschap noch enkeling zouden hebben kunnen overleven. Daarnaast waren er rijken die door Jezus aangespoord werden hun rijkdom ook in die geest te delen. Over echte rijkdom gesproken!

Een nieuwe samenleving volgens Paracelsus en Andreae

Elke Bussler, vertaler van intrigerende werken van Paracelsus in het Nederlands en uitgever van werken over hem en verwant aan hem, publiceerde op de website van haar uitgeverij De Woudezel ook een aantal boeiende artikelen waarvan ik hier speciaal noem Ontwerpen voor een nieuwe samenleving[:] Paracelsus, ca. 1530[,] Andreae, 1619. Bij de laatste gaat het om zijn bijzondere geschrift Christianopolis uit 1619, dat zij behandelt tegen de achtergrond van Andreae’s auteurschap van de Rozenkruisersgeschriften, een (half) decennium eerder. Het is uitermate boeiend om deze auteurs met dit onderwerp bezig te zien. Voor een korte maar treffende inleiding verwijs ik graag naar haar artikel. De auteurs zijn  nauw verwant aan pansofisch genoemde schrijvers uit dezelfde tijd zoals Jacob Boehme (hier uitgebreid aanwezig, zie sidebar Menu) en Amos Comenius (zoek op de namen o.m. via Zoeken in de sidebar).

Boudewijn Koole

Wat zou volwassenheid zijn?

Volwassen worden beschouw ik na lang overwegen (de aanleiding was een opmerking van mijn zus Jopie; waarvoor dank) als een bestaand ideaal dat door niemand gemeten kan worden maar het tegendeel ervan wel. Anderen kunnen zien waar jij (evident of mogelijk) geen rekening mee houdt als het om of over jou gaat, of over anderen. Het ideaal zou dan zijn dat je je zo gedraagt dat je rekening houdt met hoe anderen over je denken, in de zin dat je je gedrag voor eigen rekening neemt. Het begint er dus mee dat je zo over jezelf leert nadenken dat je jezelf leert kennen en ook nog dat je je waarschijnlijke reacties op de buitenwereld leert kennen, en dat je je zo gedraagt dat anderen je daarop kunnen aanspreken. Een belangrijk volgend probleem is dat er natuurlijk veel stille pijnpunten zijn in ieders karakter, onder meer door vroegere ervaringen, waar je niet mee te koop loopt maar die toch een rol spelen, al verberg je ze ook voor jezelf zoveel mogelijk. Maar als je die niet kent, dan kun je er ook geen rekening mee houden. Dus hoort bij volwassenheid ook dat je met de stille kwetsbaarheid van anderen rekening houdt, lijkt mij.

Maar het is wel duidelijk dat er zoveel visies op volwassenheid zijn, als er individuen zijn, want ieder heeft dus zijn eigen volwassenheid of gebrek daaraan. Je kunt er geen maatstaf voor aangeven die meetbaar is zonder het iedere keer opnieuw bevestigd te zien, waarbij je nieuw gedrag nooit moet uitsluiten. Onvolwassenheid kan in het tegendeel verkeren en omgekeerd ook. Volwassenheid geldt dus ook per soort beleving, onderwerp, enzovoort.

Is het iets anders dan de bereidheid om een open oog voor jezelf en anderen te hebben, en voor wat verder nog op je weg komt? En onvolwassenheid het je onnodig afsluiten voor wat jezelf of anderen ervaren of nog zouden kunnen ervaren? Ook volwassenheid is dan nooit af.

Toegepast op onszelf: het zou kunnen zijn dat een van ons of onze familieleden ervaringen heeft gehad die wij niet kennen, en waar we misschien ook beter niet nieuwsgierig naar kunnen zijn. Want soms is het respectvoller en beter om oude of nieuwe pijn ongenoemd te laten zonder dat je het bestaan ervan ontkent of alle ruimte ervoor onmogelijk maakt.

Omgekeerd is het al moeilijk genoeg om zaken die bekend zijn als problematisch uit het verleden, een plek te geven in de gezamenlijke herinnering. Dat geldt zowel voor oorlogen tussen landen als persoonlijk leed bij jezelf, of bij naasten of iets verdere naasten.

Een leerpunt voor mij is zeker om nooit een ander verantwoordelijk te houden voor door mij veronderstelde redenen voor haar of zijn gedrag. Het kan immers altijd zijn dat die bij de ander heel anders liggen, niet in dezelfde context staan enzovoort. Ik kan bovendien altijd als dat erg wenselijk is in de situatie, gewoon zeggen wat ik op prijs zou stellen zonder de verantwoordelijkheid te nemen voor wat die ander precies voor redenen heeft, en van de ander de verantwoordelijkheid af te nemen voor het uiterlijke gedrag waarmee hij of zij te koop loopt en dat ik bijvoorbeeld irritant vind.

Volwassenheid lijkt in die zin iets te maken te hebben met ruimte aan elkaar laten. Maar in een persoonlijk contact kun je gelukkig vragen wat de ander bedoelt, als je daar een vraag over zou hebben. Dan wel of de ander iets en zo ja, wat de ander heeft, als je een zorg of vraag of ander aandachtspunt bij die ander veronderstelt.
En waarschijnlijk zijn er nog heel wat meer belevingen van volwassenheid?

(Later vervolg:)

Als eenmaal is vastgesteld dat volwassen niet alleen van buiten beoordeeld kan worden – hoewel uiterlijk gedrag er uiteraard een aspect van is – maar ook een innerlijke ontwikkeling veronderstelt die misschien deels herkenbaar blijkt maar ook deels niet omdat zij nog ‘in de knop’ verborgen is, kan het accent bij het spreken over volwassenheid nog duidelijker gelegd worden op de permanente groei en groeikracht die er aan verbonden is. Als volwassenheid niet een vast ideaal is waaraan je af meet of iemand (of iets) daaraan beantwoordt, dan toch wel een groeistreven. Waarbij zoveel soorten elementen, karakters, gedragspatronen, opvattingen, verschijningsvormen een rol kunnen spelen, dat het enige voor volwassenheid verder kenmerkende is, dat het naar optimale eigen groei en optimale groei van anderen en het andere streeft. Mijns inziens houdt volwassenheid niet in dat jij de enige bent die uit dit proces als overwinnaar tevoorschijn mag komen. Volwassenheid houdt de mogelijkheid en de erkenning in dat anderen ook volwassen zijn, ofwel op weg daarheen net als jij.

Dat betekent niet alleen het rekening houden met openlijke of stille pijnpunten van jezelf of anderen, door ervaringen die er nu eenmaal (kunnen) zijn, maar ook het open staan voor en delen van vreugde over de ontdekking van groeimomenten van jezelf en anderen, of van potentie daarvoor. En laten we ook niet vergeten dat naast opgroeien ofwel ‘wassen’ tot de volheid van je potenties (waarschijnlijk niet van alle maar dan toch minstens van die welke je wel helemaal realiseert, want dat is of bereikt je leven nu eenmaal per definitie, ook als je denkt dat het mislukt zou zijn in bepaalde opzichten) er ook altijd – laat of vroeg – een fase zal komen waarin sommige potenties niet verder groeien, of zelfs in kracht en mogelijkheden minder worden, tot het einde toe.

Volwassenheid is nooit af, stelde ik hierboven. Maar als een individu of entiteit ophoudt te bestaan, kunnen we moeilijk volhouden dat het of zij zich nog ontwikkelt. Alleen hangt de definitie van individu of entiteit zelf af van een visie op het geheel van alle wezens of entiteiten. En hoe volwassenheid in die visie wordt opgevat, is een volgende stap.

Voor mij is die stap echter geen luchtfietserij. Ik vertrouw er liever op dat de processen die ik zie, deel uitmaken van een groter geheel dat ik niet kan zien. Een geheel dat evenmin stil staat als de zich ontwikkelende werkelijkheid die ik ervaar.

Afstemming is toelaten en loslaten, steeds opnieuw; vertrouwen dat jouw weg vanzelf duidelijk wordt, in verbondenheid met alles in en buiten wat je persoonlijk ervaart, en met welke keuzes je in die ervaring en verbondenheid maakt. (Zie onder)

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , ,

Ken je de volgende tekst?


Klik op bovenstaande tekst om deze te vergroten of gebruik deze link: Dao De Jing-76.
Typografische combinatie door mijn neef Boudewijn Koole D.enJ.zn* van drie vertalingen (in geval van sommige hoofdstukken meer) van een hoofdstuk van de Dao De Jing of “Het Boek van de Weg en de Deugd”. Ik ben hem zeer erkentelijk dat hij deze hier deelt en aan de site deze bijzondere waarde toevoegt.

Noot: tot schrik van allen die hem kenden, is Boudewijn op 28 oktober 2020 plotseling in zijn slaap overleden. Het treft mij nu ik het bovenstaande op 10 november herlees, dat het laatste hoofdstuk van de Daodejing dat hij instuurde, zo expliciet over de dood gaat. De dood is hard, de herinnering aan Boudewijn is leven, en leven is zacht. Dank je neef Boudewijn voor je stille bewogenheid en vriendschap. Zij zullen nog lang doorwerken, als verlies en als stimulans.

Telkens na ongeveer veertien dagen verschijnt hier het volgende hoofdstuk van de 81; het huidige hoofdstuk is geplaatst op 5 oktober 2020. De drie complete vertalingen zijn te verkrijgen via boekhandel of bibliotheek: Tao Te Tsjing door Sam Hamill (2006), Tao Te Tsjing door Carolus Verhulst (2004) en Tao Te King door Huib Wilkes & Michael de Baker (1992). Aanvullingen komen uit: TE-TAO CHING naar de uitgave van Robert G. Hendricks (1991), Het boek van de Tao en de innerlijke kracht door Kristofer Schipper (2010) of TAU-TE-TSJING van J.J.L. Duijvendak ((1980-3e; 1e druk 1942).

Wie meer wil weten van deze teksten of die van eerdere hoofdstukken, of erop wil reageren, vindt dat in het aparte blogitem “DAOÏSME: inleiding & DAODEJING: lopende samenvatting en commentaar & LEZERSREACTIES” met verwijzing naar enkele Nederlandse inleidingen in de Dao De Jing en het daoïsme, naar vertalingen en literatuur, en over de context van bovenstaand ontwerp. Bij een vraag of opmerking s.v.p. het tekstgedeelte (en hoofdstuk) noemen waarop je reactie betrekking heeft.

Over dit blog: DOEL en REACTIES

Afstemming is toelaten en loslaten, steeds opnieuw; vertrouwen dat jouw weg vanzelf duidelijk wordt, in verbondenheid met alles in en buiten wat je persoonlijk ervaart, en met welke keuzes je in die ervaring en verbondenheid maakt. Meer mogelijkheden (vrijheid) impliceren meer verantwoordelijkheid, want meer kansen om te kiezen voor gaan in de richting van het goede. Het goede is dat wat aan de ervaren verbondenheden recht doet met de minste te verwachten schade. Ervaren en leven zijn een geschenk bestaande uit veranderende samenhangen, sommige kwetsbaarder dan andere. De meest fundamentele zijn ook de kwetsbaarste, wat betekent dat de bescherming van het kwetsbaarste het hoogste goed is, maar ook dat elke beweging de kans inhoudt op ontplooiing en de hoogste vreugde. Zij het niet zonder het ervaren van alle (ook alle genoemde en alle impliciete) tegenstellingen.

DOEL is het delen van ervaring en inzicht

“Het is onmiskenbaar als volgt:

Wanneer we ontwaken en opstaan, is goede gezindheid en goed handelen onze hoogste plicht. Excuses zullen er nooit zijn.

Wanneer we ons ter ruste leggen om in te slapen, moeten we onze beperktheden in het doen van onze plicht erkennen. Wij geven ons over aan dat wat groter is dan wij zelf.

Betrokken niet op een dag maar op ieder afzonderlijk moment van ons bestaan, betekent dit dat wij beperkte wezens zijn die altijd heen en weer pendelen tussen het doen van onze plicht en overgave aan dat wat groter is dan wij zelf.
Zodra wij en voorzover wij ontwaakt zijn, roept onze plicht ons volledig. Dat wat groter is dan wij zelf, biedt ons de mogelijkheid erop te vertrouwen dat onze beperktheden zich in een groter geheel “oplossen”. Voorzover wij kunnen zien, verandert alles permanent en kunnen wij ieder moment weer verfrist beginnen aan nieuwe uitdagingen.

Onze beperktheden erkennen en loslaten is even wezenlijk als hen volledig inzetten. Voor beide is voorwaarde het openstaan voor en luisteren naar dat wat is: ons zelf, ons lichaam, de anderen, de wereld, het universum.

Integriteit is het begin en het einde van alles, als voortdurend proces.”

[ Bovenstaande tekst sloeg ik op in 2000. Ik voel mij er helemaal een mee maar weet de bron niet meer. Als ik zelf de bron zou zijn geweest, dan verbaast de enigszins plechtige taal me: ik ben bijna zeker dat ik niet de bron ben. Maar ieder vogeltje klinkt zoals het gebekt is, op zijn eigen wijze; en ook wie het vogeltje hoort, kan diep geraakt worden. Het kan zijn dat ik in die tijd op zoek ben geweest naar teksten over integriteit, een belangrijk thema! Het mooie van de tekst vind ik onder meer dat alle aspecten van de werkelijkheid erin ervaren of gelezen ofwel ermee verbonden kunnen worden, en dat hij niettemin direct begrijpelijk is en aanspreekt. ]

Dit blog is – NAAST TEKSTEN OVER DE ONDERWERPEN IN DE UITKLAPBARE LIJST BOVENAAN IN DE KOLOM LINKS – bedoeld om citaten, notities, vragen en discussies, literatuurverwijzingen, bespiegelingen en dergelijke te delen die jouw of mijn hart raken.
Als iets ons hart raakt, is dat een kans om wijs te worden. Wijsheid omvat zowel rationele (in beredeneerbare hokjes in te delen) kennis als (ten laatste alomvattende) intuïtie en verbondenheid, zowel aandacht als mogelijk handelen.
Ethische vragen kunnen aandacht krijgen zowel wanneer er vanuit de verbondenheid van ons hart evident aanleiding toe is met het oog op onze natuurlijke, sociale, culturele, politieke en kosmische omgeving als in verband met de site en het gebruik ervan. Ook gaan ethisch handelen en – om die reden en mits daarop gericht – ethische vragen in de praktijk per definitie voor (wat niet wil zeggen dat ieder van ons zich altijd van alle ethische aspecten bewust is), wat ook betekent dat de praktijk al verder is op het moment dat we een vraag erover krijgen en aan de orde stellen. Kortom, soberheid verdient voorrang; sterker, wijsheid die niet vanaf het begin ethisch is in genoemde zin, is zeker niet de hoogste wijsheid. Wat gedeeld wordt, kan ook aansluiten bij eerder op de site BK-BOOKS (bk-books.eu) aangeroerde onderwerpen, boekbesprekingen of andere publicaties (zie het uitklapbare menu in de kolom links).
U kunt op veel meer onderwerpen in deze site zoeken via de witte zoekbalk in die kolom, en vindt dan de betreffende pagina’s en blogitems. Het gaat mij eerder om het vergroten van individuele en gemeenschappelijke aandacht (bewustzijn) dan om het toevoegen van meer items: al kan dit in deze context zeker ook relevant zijn. Gewoon omdat iets je enorm bezig houdt.

Ik besef dat taal haar beperkingen heeft maar de mogelijkheden ervan zijn groot genoeg om er binnen die beperkingen zinvol gebruik van te maken. Over die beperking bied ik de volgende uitspraak aan om over na te denken dan wel permanent in het achterhoofd te houden.

Elke uitgesproken bewering of onuitgesproken gedachte impliceert het bestaan van zijn tegen-bewering (de tegenovergestelde mogelijkheid)

en

wat niet met alles samenvalt, valt wel samen met zijn tegendeel (ontkenning)

en

daarom is elke bewering of gedachte voorlopig (vanuit dat geheel gezien) en compleet (als impliciet met het geheel – alles – verbonden).

Wie wil denken vanuit het geheel, krijgt te maken met verandering. Wie wil denken vanuit verandering, met het geheel.

De geschriften van Jacob Böhme, Lao Zi, Dogen Kigen e.v.a. (zie menu links boven) leerden mij veel, als verwijzing naar en resultaat van hύn leerproces’. Over eenvoud, verwarring en wijsheid – ‘verlichting’ en ‘eenheid van tegenstellingen/ non-dualisme’ in West en Oost’ – voor een aanzienlijk deel samenkomend in mijn boek “Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen” (2020).

Als stelling bied ik aan:
“De ultieme verlossing/ verlichting omvat – omdat zij ultiem is – alles altijd, ook al het vergankelijke, dus ook jou en jouw bewustzijn, keuzes en gedrag nu en altijd: ga – steeds opnieuw bij iedere gelegenheid voor jou – door om erin mee te gaan/ er aan bij te dragen/ eraan mee te werken; te beginnen met het ervaren, onderkennen en aanvaarden van je vergankelijkheid én unieke eigenheid als uitgangspunt voor jouw meegaan/ bijdragen/ meewerken.”
En als hint:
“Als je de Boeddha ontmoet (omschrijving van verlichting, BK), dood hem dan (hang niet aan dat moment, en aan die ervaring)!” (citaat van de Chinese Ch’an-leraar Linji). En zit er ook zo’n aspect aan of element in ons gezegde “Spreken is zilver, zwijgen is goud”? Dat relativeert uiteraard ook al het geschrevene – ook (op) deze site …
Het is dan ook goed ons te realiseren dat alle tot nu gebruikte en alle nog te gebruiken woorden nooit meer kunnen zijn dan tijdelijke vingers die naar de maan wijzen dan wel (als zodanig) ook tijdelijke representanten van de maan. (Waarbij ‘tijdelijk’ zowel een beperkt iets kan zijn, iets relatiefs, als in die vorm tegelijk iets alomvattends, althans het alomvattende volledig representerend in de zin dat “dit hier” de actuele en volledige verschijning is van wat er is maar zonder dat vroegere of latere of andere mogelijke of actuele (deel-)verschijningen die nu niet (direct) waarneembaar zijn, bij voorbaat ontkend worden. Er is immers altijd meer dan wij nu bewust waarnemen, en dan in onze taal nu weergegeven kan worden. En dat meerdere hoort – op uiteenlopende fascinerende manieren – ook bij ons, ofwel vice versa! En “alles stroomt”, om met Herakleitos te spreken.

In de laatste alinea ligt een conclusie besloten dat die stromende totaalwereld door ons alleen tijdelijk be-antwoord kan worden in onze intuïties, opvattingen, woorden en gedragingen. Maar ook dat dat precies de wijze is om van het grote veranderende geheel deel uit te maken. En zodoende geldt en omvat genoemde realisering zowel wat wij in het verleden hebben ervaren en en pogen weer te geven, als wat we nu hier ervaren en doen, als wat zich al dan niet via ons in de toekomst voordoet. Ook al zijn wij veranderende stipjes in een eindeloos veranderende oceaan, die oceaan kan en hoeft niet (te) bestaan zonder dat ieder apart veranderende stipje bewust of onbewust zijn rol speelt. Stel je voor …!

(Ter verduidelijking: Deze alinea komt er ook op neer dat er zeker nog enige betekenis schuilt in mijn veronderstelling dat de waarde van deze site ook bestaat in het kunnen aanwijzen van ontwikkelingen in leeskeuzes, perspectieven, wellicht iets van een eigen visie of eigen accenten etcetera – maar: dat het waarnemen van die ontwikkelingen niet tot een definitief eindstation hoeft te leiden. Want al zouden die ontwikkelingen aangewezen kunnen worden en eventueel als zinvol gewaardeerd of opgepakt en verder gebruikt of het omgekeerde van deze mogelijkheden, dan nog blijven zowel het vermelde als de interpretatie(s) altijd onderdelen van een zee of liever van oceanen van werkelijkheden en mogelijkheden die zich al dan niet al of nog in de tijd voordoen, al veranderend en samen (met hun ongerealiseerde voorstadia en aan de realisering voorbije nastadia) de eeuwigheid en het totaal omvattend die en dat mee in elk klein onderdeel of tijdsgewricht worden gerealiseerd. En die ver uitgaan boven wat in mijn beperkte woorden – en ik vermoed van alle woorden!!! – lijkt te zijn dan wel kon worden aangeduid (laat staan vastgelegd).)

Veel leerde ik van mijn verkenning van de inzichten van Jacob Böhme (zie lijst van publicaties in het menu linksboven). Omdat in mijn laatste boek vrijwel alles is samengevat wat ik leerde, noem ik mijn in 2020 verschenen boek hier.

Eenheid en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen (eenheid en complexiteit van alle tegendelen): Inleiding in het denken van Jacob Böhme: Over grond, systeem, processen en magie van alle bestaansvormen in de context van open bewustzijn en niet-tweeheid in West en Oost en van wijsheid en verlichting in Böhmes ‘Theoscopia’, Haarlem 2020, 303 blzz.

In dit boek wordt eerst een overzicht geboden van Böhme’s leven en omgeving, en van de achtergrond van zijn enorme schriftelijke productie. Het Woord vooraf schetst wat deze inleiding toevoegt aan, en waarin zij verschilt van de behandeling van Böhme’s visie op man en vrouw (Böhme zag de mens als beeld van God als in beginsel androgyn, ofwel manvrouwelijk) die de auteur eerder beschreef (zie boven: Man en vrouw zijn een). Zodoende komen vele systematische vragen scherp naar voren, want Böhme was niet alleen een spirituele gids, hij was ook een visionair filosoof, en wel een met enorme invloed op veel schrijvers, schilders en andere kunstenaars na hem, en speciaal de voorloper van Hegel en Marx met hun dialectische denkmodellen. In deze inleiding wordt de belangrijke plaats van Böhme in de traditie van het Westerse dialectische denken tot leven gebracht, van de oude Grieken als Herakleitos tot en met de moderne Hegel en Marx; impliciet worden de verschillen met andere stromingen behandeld met name het modern-wetenschappelijke denken. En ten slotte komen de overeenkomsten aan het licht met Oosterse denkwijzen die de plaats van de taal verduidelijken en relativeren (zoals ook Wittgenstein in de twintigste eeuw in het Westen deed). Kortom, fascinerende lectuur, zij het soms overweldigend voor wie van vaste betekenissen en eeuwige waarheden houdt. Waar kunnen we ons wel op baseren, op welke grond? En wat betekent het voor systeemdenkers dat alles ten allen tijd onderhevig is aan veranderingsprocessen? Geldt dat ook voor onze taal en ons bewustzijn? En is dit hoopvol of gevaarlijk? Böhme ging in zijn denken geen ‘tegenstelling’ uit de weg. Hoe verbond hij de werkelijkheid van die eindeloos veranderende tegenstellingen met de eenheid en dus eenvoud waarop hij durfde vertrouwen? Hoe verbond hij rationeel inzicht met boven-rationele intuïtie? Als systeemdenken afhangt van de rationele samenhangen die wij vast menen te (kunnen) stellen, en ervaren en inzien dat wij met systeemdenken niet uitkomen als het om de diepste en hoogste vragen gaat, hoe kunnen wij dan het beste omgaan met onze mogelijkheden om de natuur te beïnvloeden, met wetenschap en techniek? Welke rol kunnen wij spelen door evenwicht even belangrijk te vinden als splitsing en vereniging van krachten en stoffen? Hoe ver reikt ons bewustzijn en waar doen we er goed aan onze grenzen te zien zonder de verbinding met al het gekende, het vermoede en het nog niet gekende en vermoede te verliezen? In het verloop van de inleiding komen vele verwante en tegengestelde denkers en hun denkbeelden aan de orde. Inclusief nieuwe inzichten over de verhouding tussen man en vrouw in de oude Hebreeuwse tempelvoorstellingen en riten om het evenwicht jaarlijks te herstellen. Hoe verbinden wij opnieuw kern en omtrek, boven en beneden, en alle andere tegenstellingen of onderscheidingen? Aan de hand van Böhme en van uiteenlopende maar zeer verwante historische voorstellingen verkennen we al deze ideeën, en hun belang voor onze tijd en de toekomst van onze cultuur.

Hoe je REACTIES, nieuwe items kan toevoegen of gesprekken beginnen

Je kunt nieuwe reacties helemaal onderaan ieder bericht noteren en doorgeven, dan vinden alle lezers je tekst hier binnenkort bovenaan (s.v.p. bij zo’n nieuw bericht aangeven over welk onderwerp je reactie gaat); lukt het niet om je bericht in te sturen, meld dit dan s.v.p. even aan mij via e-mail info_at_bk-books.eu (vervang “_at_” door apestaartje “@”). En zo ontstaat wellicht een ‘gesprek’ tussen een (kleine?) kring van lezers over een bepaald onderwerp. Daarbij is het uiteraard geen enkel bezwaar als onderwerpen gezien hun belang in de loop van langere tijd nog eens terugkeren … Verwijzingen naar verwante sites en gesprekken worden op hoge prijs gesteld.
Reageren op een bestaande reactie kun je onder elke reactie via de knop ‘Reacties’. Als je een eerdere reactie van jezelf wilt verwijderen, kan dat door een verzoekje in een nieuwe ‘reactie’: elke reactie komt eerst binnen bij de websitebeheerder die je verzoek om verwijdering volgens de huidige afspraak altijd zal honoreren.
Niet publieke reacties worden graag door mij ontvangen via info_at_bk-books.eu (vervang “_at_” door apestaartje “@”).

WAARSCHUWING inzake de wetenschappelijkheid van sommige teksten op deze site

U bent vrij met de teksten op deze site iets of niets te doen, uiteraard liefst iets goeds. Vooraf maak ik graag de beperking duidelijk die aan de teksten op deze site kleeft. Deze site (met naast dit blog boekbesprekingen en andere berichten) bevat ook een aantal wetenschappelijke teksten. Teksten die aan een universiteit beoordeeld zijn als de doctorstitel waardig; uiteraard is ieder mens per definitie zeer beperkt in haar of zijn feitelijke kennis, omdat wij niet tegelijk alle feiten die anderen kennen, ook in ons ‘kennis’-bewustzijn hebben. Over die wetenschappelijk goedgekeurde teksten wil ik het volgende zeggen. ‘Wetenschap’ kenmerkt zich door zo precies mogelijk te definiëren wat binnen haar kennis valt. Door mijn opleiding heb ik geleerd dat die definities erg uiteen kunnen lopen, zelfs binnen vakgebieden en zeker binnen culturen. De pretentie dat iets wetenschappelijk is, heeft nooit absolute waarde en kracht, alleen maar binnen afgesproken grenzen en volgens de daar geldende definities. Door mijn opleiding heb ik ook geleerd dat wij ons best kunnen doen zo begrijpelijk mogelijk te zijn, allereerst binnen de context waarin wij zelf leven (daarbuiten is dat begrijpelijkerwijs per definitie heel wat moeilijker, omdat wij die context waarschijnlijk iets minder goed kennen). Daar komt nog door eigen studie en ontdekking (zie mijn a.s. publicatie Eenvoud en diepgang in en buiten alle tegenstellingen) bij, dat niets dat in taal uitgedrukt of überhaupt door ons verbeeld of vermoed wordt, compleet geacht kan worden dat niet ook zijn tegendeel – het erdoor afgegrensde – omvat. Het is dus sowieso altijd belangrijk de betrekkelijkheid van onze ‘kennis’ voor ogen te houden, ook al hebben wij op onze eigen – de ons bekende – terreinen uit eigen ervaring enig recht van spreken. Ervaren personen hebben meer recht van spreken over die ervaring, al blijft het belangrijk niet alleen naar het verleden maar ook naar de actuele werkelijkheid te kijken! Daarom stel ik vooraf over alle teksten in deze site dat zij al helemaal niet niet de exclusieve wetenschappelijke waarheid bevatten (zo die al zou bestaan), en ook al zijn zij geschreven in een taal die zo helder mogelijk is (en waar mogelijk binnen de eigen context logisch), nooit de pretentie hebben de exclusieve waarheid te verkondigen of of bevatten of zijn. Alle teksten zijn bedoeld om aanknopingspunten te bieden voor zoeken naar inzicht, wijsheid, soms ook kennis; maar nooit om die te pretenderen uitsluitende waarheid. De vraag is ook of dat met taal überhaupt kan, en zo niet waarmee dan wel. Zwijgen is wellicht een even goed, zo niet beter ‘middel’; al geloof ik wel dat er zoiets is als luisterend spreken ofwel sprekend luisteren. Als ik in plaats van te luisteren, te snel met woorden of interpretaties ben gekomen, bied ik mijn verontschuldigingen aan. Ik beschouw het als mijn actuele taak om allereerst te luisteren. Als u daarnaast iets mee kan nemen van de teksten op de site, bent u daar helemaal vrij in. Het belangrijkste is soms naar zichzelf luisteren, soms naar anderen; maar soms horen wij ook in anderen onszelf, en in onszelf anderen. Mag dat door elkaar lopen? Dat wordt door gewoonten en afspraken bepaald, en die veranderen. Maar ik streef er allereerst naar mij aan die gewoonten en afspraken te houden, om van daar uit eventueel verdere ruimten te verkennen. Dan kan soms blijken dat wat nieuwe ervaring lijkt, erg veel overeenkomst vertoont met vroegere, soms heel vroegere, en tegelijk dat ervaring en inzicht er niet alleen zijn om voortdurend te ontwikkelen maar tegelijk een heel praktische rol spelen. En wel een rol die het goede (handelen en bewustzijn) niet in de weg mag staan. Geluk hier en nu is geen verboden vrucht; tegelijk verandert hier en nu alles voortdurend en is het wijs om open te staan voor nieuwe inzichten zonder streven en verwerkelijken van het actueel goede in de weg te staan. Best complex maar ook best eenvoudig, want die beide bestaan niet zonder elkaar en dienen wellicht het best samen gerealiseerd te worden, zover dat op onze weg ligt. “Ik probeer te ervaren en te doen wat [“daar”-bij] past.” Dat streven wetenschappelijk noemen lijkt me een gotspe, ofwel overdreven zelfvertrouwen. Maar zonder wetenschappelijke pretentie lijkt het ook gauw erg pretentieus. Die pretentie wil ik graag bij voorbaat ontkrachten: de krachten die u zelf voelt, en waarmee u omgaat, zijn het die belangrijk zijn om te leren kennen. En de teksten op deze site hebben die pretentie niet. Hoogstens zijn zij uitzicht langs het pad waar u loopt, en heel af en toe misschien een vraag aan uzelf of over die omgeving. U bent helemaal vrij daar iets of niets mee te doen; wat, dat is uw eigen verantwoordelijkheid.

* Zelf ben ik Boudewijn Koole L.enS.zn (of “LSz.” of “van Brigdamme” of
). Wij zijn twee van zes gelijknamige neven (vier in Nederland, waarvan de jongste Boudewijn Willem als voornamen heeft) en van zeven neven qua voornaam (vijf in Nederland). In British Columbia (Canada) woont zo Robert [=Boudewijn] Koole P.enP.zn. En samen zijn wij onderdeel van zo’n veertig nichten en neven, waarvan ongeveer de ene helft in Nederland en de andere in Canada woont.