BK-Books.eu » Besprekingen » Zonder einde

Bespreking van...

… Hans Korteweg, Zonder einde: Van licht tot vorm, van vorm tot licht, Utrecht (Servire) 1995, 224 pp.

Dit boek biedt in de eerste plaats troost en inzicht doordat Korteweg de aandacht vestigt op de altijd bestaande mogelijkheid tot omkeer, berouw of ‘bekering’ zo men wil, vanuit het donker naar het licht, of vanuit de verlorenheid naar de diepste verbondenheid. Dat doet hij door verhalen uit te leggen, vooral de bekendste verhalen uit het begin van de Tenach, het “Oude Testament” voor christenen, van de aartsvaders (Abraham, Lot). Verder het verhaal van de profeet Jona en andere verhalen uit het oude Nabije Oosten zoals het epos van Gilgamesj, en uit India van Krisjna. De trefzekerheid en diepte van die uitleg is zeer opmerkelijk. Korteweg slaagt erin een universele betekenis bloot te leggen die verfrissend en zeer inspirerend is. Behalve de mogelijkheid van ommekeer komt daarbij nog zeer veel meer waardevolle levensoriëntatie aan de orde. Altijd met respect openstaan voor wat “de Eeuwige”, het onbekende, onze omgeving en ons innerlijk ons te zeggen hebben. Korteweg slaagt er tevens in het waardevolle van Oosterse en Westerse waarden met elkaar te verbinden, zonder de band met de eigen culturele wortels te verbreken.

Een boek van hoge kwaliteit. Zeer waardevol en aanbevolen voor ieder die zijn persoonlijke groei wil bevorderen of testen, en ieder die een heldere, betrouwbare uitleg en samenvatting van genoemde verhalen zoekt.

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.