BK-Books.eu » Besprekingen » Waarom kwam Bodhidharma naar het Westen?

Bespreking van...

AMA Samy, Waarom kwam Bodhidharma naar het Westen?: De ontmoeting van zen met het Westen, Nieuwerkerk a/d IJssel (Asoka) 1998, 173 pp.

AMA Samy is een rooms-katholieke zenleraar met een Aziatische achtergrond (Indiase ouders, Jezuïet, zenleraar in de traditie van de Sambo Kyodan van Yamada Ko-un Roshi, net als Robert Aitken en anderen), die regelmatig trainingen geeft in het Westen, waaronder Nederland en Duitsland. Zijn visie op religie heb ik altijd als verfrissend ervaren, al toen een artikel van hem verscheen in het tijdschrift ZEN, omdat hij niet-exclusivistisch over religies denkt, zonder verschillen te verdoezelen. In dit boek komen een aantal voor de ontwikkeling van Zen in het Westen en voor een goed begrip van Zen uiterst belangrijke thema’s aan de orde. Het goede ervan, behalve dat AMA Samy mijns inziens oog heeft voor welke vragen en problemen belangrijk zijn en ze scherp weet aan te duiden, is bovendien dat de teksten op meerdere niveau’s gelezen kunnen worden en ruimte laten voor een begrip dat het louter intellectuele niveau transcendeert. Er moet dus wel tussen de regels door gelezen worden; hoewel de auteur de zaken voor de goede lezer zeker weet te verhelderen, moeten de teksten eerder bestudeerd worden dan dat ze vlot leesbaar zijn. De meningen van AMA Samy zijn verder op ervaring en praktijk gebaseerd en nuchter; tegelijkertijd wordt het nodige perspectief geboden. De literatuurverwijzingen verraden een interesse in een Jungiaanse benadering van religie. Het hoofdstuk over koans is van bijzondere waarde, omdat er weining teksten zijn waar vanuit de zentraditie en tegelijk informatief over koans geschreven wordt: jammer dat dit maar één hoofdstuk is! (Overigens komen er maar weinig voorbeelden van koans in ter sprake vergeleken met de veelheid van koans die er zijn.) Een boek dat eigenlijk op het moment door niemand gemist kan worden die de actuele verhouding van Zen en het Westen en Zen en het christendom wat beter wil inschatten.

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.