BK-Books.eu » Besprekingen » Voeding en spiritualiteit

Bespreking van...

F. Delnooz / P. Martinot, Voeding en spiritualiteit: De invloed van voeding op u en uw kind, Deventer (Ankh-Hermes) 2002, 191 pp.

De schrijvers – alternatieve therapeuten die zich van lieverlee ontwikkelden tot alternatieve adviseurs betreffende de rol van ‘schone’ energie en voeding voor de individuele mens – huldigen het standpunt dat de teelt, keuze, bereiding en opname van voedsel allereerst een zorgvuldig, aandachtig en liefdevol proces dienen te zijn, dat afgestemd kan en moet worden op ieder individu apart. Zij besteden dus ook hoofdstukjes aan de flexibiliteit die dit vraagt in een gezin waar met iedereen rekening gehouden moet worden; evenals aan de keuze die telers kunnen maken betreffende de rol van kosmische processen, van natuurlijke verrijking van de bodem, en van het vermijden van gif en kunstmest.
Wat betekent voor de auteurs spiritualiteit in relatie tot voeding? Ook afgezien van bovenstaande? “In het Westen zien we voeding vooral als een fysiek gebeuren. Zij voedt het lichaam. Voeding blijkt nog een andere potentie in zich te herbergen. Zij kan de mens voeden. De mens is zoveel meer dan een fysiek lichaam. De mens is een wonderbaarlijk wezen, dat een fantastische reis maakt. Wij kunnen de mens voeden in heel zijn wezen. Elk aspect van de mens kan gevoed worden door het eten van de juiste voeding.” (182)
De auteurs schetsen de mens als een combinatie van fysiek lichaam en ijlere lichamen of geest, die beide energieknooppunten bevatten (chakra’s) die een belangrijke rol spelen bij het gezond functioneren. Een optimale balans tussen geest en lichaam is voorwaarde voor de vervulling door de mens van zijn wezenlijke levensopdracht, die hoger is dan die van dieren en planten. Belichaming worden van de hoogste liefde.
Dit helder geschreven boek lijkt onder meer de volgende vooronderstellingen te hebben: stoffelijke zaken in onze wereld zijn een uiting van hun geestelijke binnenkant, het is mogelijk ons af te stemmen op wat geestelijk het meest wenselijk is (ook voor ieder individu apart). Wij dienen ons te beperken tot variëren in gezonde voeding ofwel ‘echte’ voeding, die een rol speelt bij het gezond verbinden van het lagere materiële en het hogere geestelijke. Dus niet voeding die zonder zorg en liefde is geproduceerd of die alleen parasiteert op de mens, zoals koffie, alcohol, en – in veel gevallen – vlees, om de belangrijkste voorbeelden te noemen. De auteurs hebben veel oog voor de complexiteit van de processen en contexten die een rol spelen en voor het individuele evenwicht dat gevonden moet worden tussen enerzijds ‘aarden’ ofwel ‘met de benen op de grond komen te staan’ en anderzijds ‘loskomen’, ‘ontsluiten’ ofwel ‘open gaan staan’, ‘geestelijk groeien’. Maar doordat zij erg flexibel willen blijven, worden zij ook niet erg gedetailleerd in hun aanbevelingen. Het blijft allemaal erg algemeen. Wel is de toon zuiver, hoewel de afwijzing van ‘verkeerde’ voeding hier en daar wat krampachtig lijkt – wat is de verbinding met spiritualiteit daar nu precies en wat voegt hun visie toe aan wat iedereen wel weet? Het accent dat zij vooral leggen is dat iets alleen aan de buitenkant verbeteren niet zal helpen, en dat wat wel helpt de toegevoegde spirituele waarde is. Als dit zo is, dan moet men met een ‘buitenkant’-onderwerp als voeding wel heel voorzichtig zijn! Of men moet precies de samenhang behandelen en dat doen de auteurs niet zelf. Als men vervolgens concrete conclusies meent te kunnen trekken los van zakelijke en feitelijke inzichten die voor iedereen controleerbaar zijn, dan vrees ik dat men toch het gevaar loopt hier het materiële en het geestelijke te verwarren. Inderdaad: de spirituele (en materiële) situatie van de een is niet die van de ander.
Veel nieuws zegt dit boek dus niet maar het is toch prettig om te lezen en zijn eigen gedachten te kunnen vormen in vergelijking met de helder verwoorde en rijke ervaring van de auteurs. Ook dekt de titel van het boek – lees: voeding vanuit spiritualiteit bekeken – de lading dus wel: het gaat inderdaad om de ‘(on)geschiktheid’ van voeding vanuit bepaalde criteria, dat is hun onderwerp. Overigens geven de auteurs duidelijk aan dat zij eigenlijk het ideaal van een omgekeerde volgorde koesteren: spiritualiteit bepaalt ook voeding. Maar over wat die spiritualiteit nu precies betekent hebben zij het hier niet.
Het boek laat een beetje een halfslachtige indruk bij mij achter: zuiver van toon, heldere inzetten, maar weinig concrete invulling op een tamelijk krampachtige afwijzing van ‘verkeerde’ voeding na. Krampachtig omdat het criterium niet erg duidelijk is en dus slecht toegepast kan worden buiten de kennis van aparte concrete situaties om. Hoeveel illustraties de auteurs ook geven, hun criteria worden er niet duidelijker door. Er zijn toch vrolijker boeken over eten en drinken!

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.