BK-Books.eu » Besprekingen » Pleidooi voor intolerantie

Bespreking van...

… Slavoj Zizek, Pleidooi voor intolerantie, Amsterdam (Boom) 1998, 108 pp.

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Zizek is een Sloween, die promoveerde in de filosofie en in de psychoanalyse – en dat is in zijn essaybundel goed te merken. Zizek pakt een aantal problemen bij de kop die zijns inziens de kern uitmaken van de samenleving, het politieke bestel en de cultuur in het Westen. Hij weidt uit over de discrepantie tussen de ontwikkelingen in de maatschappij zelf en de politieke vertaling die zij krijgen, en legt uit dat de politieke mechanismen vaak maken dat de politiek achterloopt op de maatschappij of erger, er haaks op staat. Omgekeerd – en daar komt de titel van deze bundel vandaan – gaat het er om dat wij ons niet door de politiek in slaap laten sussen. Zizek laat overtuigend zien dat de heersende ideologie van het moment – dat we zo democratisch en zo tolerant zijn in beginsel, en dat we er zo veel aan doen om minderheidsgroepen tot hun recht te laten komen – slechts schone schijn is, en dat dit alleen zo kan blijven voortbestaan omdat vergeten wordt dat de economie politiek niet neutraal is, in tegenstelling tot wat men voorspiegelt. Helaas eist Zizek veel van de lezer. Hij biedt een hoog abstractieniveau en veronderstelt veel culturele kennis. Anderzijds weet Zizek op een of andere wijze toch steeds te boeien.

De stelling dat de heersende politiek-ideologische constellatie geen bevredigende afspiegeling is van de maatschappelijke verhoudingen (en evenmin een bevredigende weg daartoe) illustreert Zizek concreter in de tweede helft van deze bundel in een aantal juweeltjes van essays over seksualiteit, multiculturalisme, maatschappelijk onbehagen en veel meer; van New Age tot skinheads, van internet tot de Viagra-pil. Steeds over de nieuwe positie van individuele ‘subjecten’ in onze steeds nieuwe maatschappelijke (en economische!) constellaties. Zizek is knap in het leggen van verbanden. Zijn eruditie is groot. Tegelijk zou je als lezer wel eens willen dat hij zijn stellingen minder in redeneringen (hoe boeiend ook) zou verpakken en meer direct zou vertellen wat zijn eigen mening, zijn persoonlijke opvattingen waren. Een waardevol boekje. Het biedt geen grootse samenhangende visie voor velen maar de geïnteresseerde lezer kan er zijn eigen individuele visie aanzienlijk aan scherpen.

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.