BK-Books.eu » Besprekingen » Maximen

Bespreking van...

… François de La Rochefoucauld, Maximen: Bespiegelingen over menselijk gedrag, Vertaling en toelichting Maarten Van Buuren, Groningen (Historische uitgeverij) 2008, 127pp.

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Onder meer op deze pagina:

Inleiding

De inhoud is een vertaling van Maximes et reflexions diverses, éd. Jacques Truchet, uitgegeven bij Garnier Flammarion, Parijs 1977.
La Rochefoucauld (1613-1680) nam deel aan de salon van markiezin van Sablé waar zij de ‘bels esprits’ van haar tijd ontving. Ook Blaise Pascal nam er aan deel. In die salon speelde men het gezelschapsspel van de maximen. Men formuleerde uiterst beknopte spreuken over menselijk gedrag.
Het spel is de discussie en het formuleren van een pointe over algemeen menselijke gedragingen. La Rochefoucauld laat een geschreven versie van zijn maximen circuleren onder vrienden om reacties uit te lokken en de maximen zo te verrijken en te ontwikkelen voor een officiële literaire uitgave.

De voorliggende vertaling door Maarten van Buuren, hoogleraar in de Franse letterkunde, bevat ook een uitgebreide toelichting van de vertaler.
De toelichting geeft informatie over het ontstaan van de Maximen en over de filosofie van La Rochefoucauld en zijn kijk op de mens en diens gedragingen. De Maximen zijn tot stand gekomen in een tijd waarin een omwenteling plaats vindt in het denken over ‘het goede leven’ (zie onder). La Rochefoucauld wordt gezien als een wegbereider van het filosofisch denken van Nietzsche.

De uitgave is interessant voor lezers die geïnteresseerd zijn in beknopte spreuken, literaire oneliners over het menselijke gedrag in combinatie met filosofische standpunten en culturele omgeving.
Deze recensie geeft de lezer informatie waarmee een keuze gemaakt kan worden om de uitgave te lezen en bij het lezen de inhoud te plaatsen in de tijd waarin het geschreven is en de Maximen te waarderen in de huidige tijd waarin de regering een debat wil over normen en waarden. De uitgave is interessant voor historisch en literair geïnteresseerde lezers omdat deze vertaling en toelichting van de Maximen toegang verschaft tot een historisch en cultureel zeer interessante maatschappelijke omwenteling in de 17de eeuw.

Back to top

Overzicht van de inhoud

Tijdens het leven van La Rochefoucauld verschenen al vijf uitgaven van de Maximen. La Rochefoucauld schrapte maximen, hij veranderde ze en geleidelijk aan werden zo de verwijzingen naar de jansenistisch-christelijke omgeving verwijderd waarin de eerste maximen waren ontstaan. Na zijn dood werd door Jacques Truchet een kritische editie samengesteld. Maarten van Buuren heeft de inhoud van deze kritische editie gevolgd en zo ontstaat de huidige versie met daarin: Maximen, Weggelaten maximen, Nagelaten maximen. Door deze volledige uitgave ontstaat een totaal overzicht van de maximen.
In het deel ‘Wie zwak is kan niet oprecht zijn’ geeft Maarten van Buuren een uitvoerige toelichting op de filosofie van La Rochefoucauld en de literaire concepten die gebruikt werden om de maximen vorm te geven. De titel van dit deel verwijst naar de overtuiging van La Rochefoucauld dat mensen niet kiezen tussen goede en slechte alternatieven, maar tussen slechte en nog slechtere. Normen van goed en kwaad zijn voor hem een façade die een moraal verbergt die berust op macht-onmacht. La Rochefoucauld ontmaskert in de maximen expliciet de gangbare christelijke waarden en de adellijke deugden. Het begrip ‘eigenliefde’ wordt bij La Rochefoucauld ‘eigen belang’ en ‘zelfbehoud’. Dit is de drijfveer waarop het menselijk handelen terug te voeren is. Ook in de grammaticale opbouw van de maximen is het wereldbeeld van La Rochefoucauld terug te vinden. De grote invloed van de wiskunde is terug te vinden in het concept a : b=c : d. La Rochefoucauld laat in de maximen vaak een deel van dit concept weg zodat de lezer gedwongen wordt de maxime op te lossen en aan te vullen. Hij maakt gebruik van symmetrie en andere mathematische opbouw in combinatie met open plekken/raadsels. Door de grammaticale opbouw laat La Rochefoucauld zijn overtuiging zien van een (vroege) determinist: hij plaatst de onbewuste driften als onderwerp tegenover de mens als lijdend voorwerp. De (onbewuste) drift is een onpersoonlijke instantie.

Back to top

Beoordeling

Deze Nederlandse vertaling en toelichting maken de Maximen ook toegankelijk voor lezers die niet geschoold zijn in de Franse taal. De literaire constructies van de maximen zijn zonder uitleg en vertaling waarbij rekening wordt gehouden met de eigenschappen van de Franse en Nederlandse taal eigenlijk niet te doorgronden. Veel van de maximen zouden dan afgedaan kunnen worden als oneliners. Korte en krachtige uitspraken waar politici en media zo graag gebruik van maken om hun gelijk, hun overtuiging te poneren. Het lezen en doorgronden van de maximen geeft de lezer de mogelijkheid kennis te nemen van een literaire en intellectuele vorm van discussie voeren over een omwenteling van waarden, moraal, motieven op grond waarvan menselijk gedrag tot stand komt en op grond waarvan menselijk gedrag beoordeeld kan worden. De maximen zijn een overtuigende literaire vorm voor het (maatschappelijk) debat waarin tot uiting komt dat de christelijke waarden, voorgeschreven door de kerk, en de daar tegenover gestelde jansenistische visie alleen een mógelijke waarde hebben en dat andere visies tot heel andere oordelen leiden over menselijk gedrag. Deze overtuiging en vormgeving kunnen de lezer helpen zich een oordeel te vormen, inzicht te krijgen in het huidige debat over waarden en daaruit voort vloeiende normen en moraal. In de tijd van La Rochefoucauld komt de maatschappelijke omwenteling tot stand waarbij sociale nivellering ontstaat doordat het gezinshoofd gewaardeerd wordt op basis van zijn inzet om het leven van zijn gezin vooruit te helpen. Wetenschap wordt ingezet om betere resultaten in de voortbrenging van producten te bereiken. Een goed leven is niet langer het leven van diegene die zich (als lid van geestelijkheid of adel) inzet om te heersen of te strijden voor algemene maatschappelijke doelen. Nee, een goed leven is het leven dat bezig is met zelfbehoud en het belang van het gezin. Een ‘goed’ leven is niet meer te bereiken door trouw te zijn aan de kerkelijke mores*. Goed is van kwaad te onderscheiden afhankelijk van het uiteindelijke resultaat**. De maximen van La Rochefoucauld waren een bijdrage om deze omwenteling tot stand te brengen. Het kennis nemen van deze literaire – kunstzinnige en maatschappijkritische – vorm is zeker een stimulans om anders dan met oneliners of oppervlakkige meningen te discussiëren over waarden en daaruit voortvloeiende normen en moraal in onze huidige maatschappij die door de diversiteit van bevolkingsgroepen een weg moet vinden in een veelheid van waardesystemen.
Het is wel een uitgave waar je voor moet gaan zitten. Een eerste lezing van de maximen levert niet de intellectuele inspanning en motivatie die je zou willen. Het lezen van de toelichting en het daarna opnieuw lezen van de maximen maakt dat de teksten worden ontsloten en je de impact van de uitspraken kunt doorgronden. Het is een boek dat boeiend wordt als je enig zicht hebt op de maatschappelijke, culturele en religieuze omwenteling van die tijd. Met die kennis en de literaire opbouw, die het gesprek over de maximen uitlokt, zijn de maximen nog steeds interessante aanzetten tot discussie over moraal en menselijke gedragingen. Het is interessant dat Maarten van Buuren veel aandacht geeft in zijn toelichting aan de mening van Nietzsche over de maximen van La Rochfoucauld. Eigentijdse filosofen, geïnteresseerde lezers kunnen dit materiaal uit de maximen gebruiken om een eigentijdse mening over menselijk gedrag en ‘moraal’ te formuleren.
Het boek maakt het mogelijk kennis te nemen van deze historisch en literair belangwekkende teksten. Daarnaast levert deze uitgave een aanzet tot debat, discussie over menselijk gedrag en filosofische overtuigingen die we zeer wel kunnen gebruiken naast de toch eenzijdig georiënteerde christelijke moraal en de oneliners uit de huidige populistische visies die de ronde doen in het maatschappelijk debat.
Voor wie de tijd neemt en ook achtergrondkennis zoekt of heeft biedt deze uitgave een intrigerende en motiverende bijdrage aan het denken over menselijk gedrag, het ‘goede leven’ en christelijke moraal.
Het boek heeft toegevoegde waarde ten opzichte van bestaande literatuur. Door deze vertaling is dit opmerkelijk literaire document nu ook voor Nederlandse lezers beschikbaar. De literaire vorm van de maximen, die door de aantrekkelijke vertaling in tact is gebleven, is een curieuze aanvulling op de literatuur over moraal en menselijk gedrag. De toelichting door Maarten van Buuren maakt dat de Maximen motiveren om het huidige gesprek over moraal te verdiepen.
De prijs-kwaliteitverhouding is zeker oké. Het vertalen van de maximen vraagt bijzondere aandacht door de wiskundige concepten en de filosofische overtuiging die ten grondslag ligt aan de maximen. De vormgeving en de redactie zijn prettig. Al met al een betaalbaar kleinood.

* Vgl. Charles Taylor, Bronnen van het zelf, pp. 295-297.
** Idem, p. 353.

Eindoordeel

De uitgave is heel plezierig en motiverend om enige avonden mee bezig te zijn. Het brengt verdieping in het eigen mensbeeld en meningen over het gedrag van mensen. Het laat zien hoe overtuigingen gevoed worden door maatschappelijke situaties en vraagstukken. Het laat zien hoe een aantrekkelijke literaire vorm van discussie kan helpen een breder publiek tot nieuwe inzichten over maatschappelijke omwentelingen te brengen.

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

bk_books

In mijn jonge jaren woonde ik in Sint Laurens, nu onderdeel van Middelburg. Met mijn vriend Peter Karstanje verkende ik de omgeving, behalve dicht bij huis en aan de kust (stranden en boulevard) ook tijdens zomerse fietstochten langs jeugdherbergen, tot Roden toe. Op de middelbare school in Middelburg en Goes leerde ik veel talen. Wim Wattel met wie ik vier jaar lang de gymnasiumlessen in Goes volgde, was met Piet Boon en enkele anderen een vaste reisgenoot in de trein. Tijdens mijn studie in Amsterdam leerde ik via Krina de Regt, Wims partner die ook in onze klas zat en in Baarn de sociale academie volgde, Nel Knip kennen: wij zijn sindsdien bij elkaar. Wij vervolgden onze studies en beroepsmatige werkzaamheden in Amsterdam, Tiel, Driebergen, en van daaruit in heel wat plaatsen in Nederland, Mijn eerste studie was theologie aan de Vrije Universiteit, waar ik vier jaar lang als student-assistent onder de zeer begaafde Harry Kuitert leerde hoe denken en taal samenhangen (en hoe machtsverhoudingen in kerkelijke kringen uitgespeeld worden, met Kuitert als kop van jut). Mijn tweede studie, filosofie, volgde ik vervolgens aan de Universiteit van Amsterdam, waar ik behalve allerlei aanvullende wijsgerige basiskennis het geluk had Otto Duintjer als mijn hoofddocent metafysica te treffen bij wie ik afstudeerde (Plato, Kant, Heidegger, Wittgenstein en de verschillen met oosterse denkwijzen; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). Vanuit Driebergen werkte Nel als hoofd PZ van het VU Ziekenhuis in Amsterdam en later als interim manager PZ in vele grote ziekenhuizen en welzijnsinstellingen in Nederland. Ik werkte als wetenschappelijk medewerker in Amsterdam, cursusleider religie en samenleving in Driebergen, universitair bibliotheekmedewerker in Amsterdam, Utrecht en Den Haag (KB). Uiteindelijk als vertaler en auteur. Wij maakten de maatschappelijke en culturele veranderingen van de jaren zestig, zeventig en tachtig intensief van binnen uit mee. De onderwerpen van mijn interesse treft u hier aan in de vorm van leesverslagen, berichten. lezingen en een aantal vertalingen en boeken over de culturele betekenis van Oost en West voor elkaar (beginnend bij meditatie, boeddhisme, Jacob Boehme, niet-dualisme; en eindigend bij een herdruk van mijn vertaling van de Zen-leraar en -denker Dogen Kigen, en een nog te verschijnen nieuwe inleiding in het denken van Jacob Boehme over de eenheid van tegenstellingen). Met als grote studie onder leiding van Gilles Quispel de visie op man en vrouw in het christendom, bij enkele bijzondere denkers in de eerste eeuwen en bij Jacob Boehme en zijn kringen en erfgenamen. Een rijke leerschool! Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer via Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema. Hoewel mijn onderzoek in eerste instantie op kernvragen en op de innerlijke samenhang van (patronen in) denken en werkelijkheid (zowel de objectieve als de subjectieve) gericht was vanuit mijn westerse theologische en filosofische traditie, heb ik achteraf het gevoel ook veel verwantschap te hebben gevonden in oosters denken. Zowel dat van religieuze denkers en van fundamentele denkers over wetenschap, objectiviteit en subjectiviteit, als in het bijzonder over taal: dit leverde veel invalshoeken op waarmee naar oost en naar west gekeken kan worden! Op deze manier kon ik zelfs de eigen piëtistische calvinistische tradities van Walcheren en West-Europa, en later ook de gnostische en mystiek-theologische tradities van het Westen vergelijken met bepaalde opvattingen in het Oosten, en beide beter begrijpen en relativeren. Ik hoop dat u en anderen hier vruchten van plukken en tot een en ander een eigen verhouding ontwikkelen. Zij het dat die taak nooit af is. Maar zelfs over tijd en zijn, en tijd en eeuwigheid valt veel te leren, heb ik gemerkt. Dat heb ik graag doorgegeven, en u vindt er hier veel over. Ook dat er een tijd komt, zoals nu voor mij, dat het niet meer allereerst gaat om nog meer onderwerpen bij de kop te pakken om me er grondig in te verdiepen en ze vertaald, dat wil zeggen in een bepaalde context begrijpelijk neer te zetten. Maar om te erkennen dat er na een tijd van toelaten en verdiepen ook een tijd mag volgen van het rationele iets meer loslaten en van iets meer intuïtief bij de zich steeds vernieuwende (...) 'kern' blijven. Een proces dat opmerkelijk genoeg in de natuur (dat is de hele werkelijkheid) en het al (of de kosmos of de eeuwigheid) in het klein en in het groot al voortdurend aan de gang blijkt, zonder iets van zijn essentie, vreugde en spanning te verliezen, en dus ook van zijn soms subtiele soms grove tegenstellingen en de veranderingen daarin. Alle goeds en goede voortgang!