BK-Books.eu » Besprekingen » Liefde is de weg; Waar twee oceanen samenkomen; Daglicht

Bespreking van...

… Roemi, Liefde is de weg: Kwatrijnen van Djela-oed-Din Roemi, Vertaling uit het Perzisch door Sipko A. den Boer, met redactionele medewerking van Aleid C. Swierenga, geïllustreerd met kalligrafieën van Fraisoon W. Hosainy, Den Haag (Synthese)2007 (2002-1e druk bij andere uitgeverij), 128pp.;
[Sjams, ] Waar twee oceanen samenkomen: De inspiratie van Sjams en Roemi: Bloemlezing uit de Maqalat-e Sjams [De woorden van Sjams], Vertaling uit het Perzisch door Sipko A. den Boer, met medewerking van Aleid C. Swierenga en Fraisoon W. Hosainy, Den Haag(Synthese)2007, 255pp.

Na de bloemlezingen Daglicht en Juwelen uit de werken van Roemi – die ik eerder vermeldde en besprak – zijn twee nieuwe, uiterst boeiende delen met verwante teksten verschenen waarvoor ik hier aandacht vraag. Het gaat om een bloemlezing van kwatrijnen van Roemi, de beroemde Soefi-poëet en spiritueel leraar uit de dertiende eeuw, ook bekend als stichter van de orde van de wervelende of draaiende derwisjen. En om een bloemlezing uit de haastig opgeschreven woorden die Sjams de leraar van Roemi, in gesprekken met hem uitte.

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Onder meer op deze pagina:

Algemeen

Voor mij zijn de teksten ook in deze twee boeken – die zeer aantrekkelijk zijn vormgegeven en prettig in de hand liggen – van buitengewoon grote waarde. Omdat Roemi er in slaagt zijn woorden een fleur van onbestemde eeuwigheid mee te geven (zo noem ik het even kort bij gebrek aan beter), omdat zij poetisch indrukwekkend zijn, omdat zij qua taal en gedachten belangwekkend zijn en het intellect stumuleren, kortom omdat zij op allerlei manieren een genot en een waardevolle en prettige uitdaging vormen, zijn zijn teksten dat voor mij na wat ik van hem las, bijna bij voorbaat. Roemi is de best bekende soefidichter, de best bekende islamitische dichter maar zijn betekenis is veel universeler dan de traditie waarbinnen hij zich beweegt (en waarin hij keurig binnen de grenzen blijft als je hem op orthodoxe wijze wilt lezen, zij het dat hij zelf uitleggingen geeft van zijn woorden die duidelijk universeel zijn; ze kunnen dan echter ook als voor de orthodoxie onschadelijke verwoording van een orthodoxe waarheid door een dichter die zich te buiten gaat, gelezen worden).
In feite is Roemi net als enkele christelijke schrijvers (waaronder Boehme, Eckhart) – maar beslist meer uitgesproken – een vertegenwoordiger van het niet-dualistische standpunt (hoewel je in dit verband beter van werkelijkheidsopvatting dan van standpunt kunt spreken). De opvatting dus dat alle aparte verschijnselen in de werkelijkheid door ons slechts van elkaar onderscheiden kunnen worden door een daaraan voorafgaande fundamentele scheiding tussen subject en object, dat wat onderscheidt en dat wat onderscheiden wordt, waarmee het begin is gegeven van iedere verder mogelijke tweedeling die we als een net van woorden over de werkelijkheid leggen om er iets over te kunnen zeggen: positief – negatief, vrouw – man, licht – donker, enzovoort. En vooral dat aan alle mogelijke onderscheidingen in werkelijkheid een eenheid ten grondslag ligt die aan de tweeheid vooraf gaat en haar omvat. Wat de opvatting inhoudt dat elk verschijnsel, inclusief ieder van ons mensen of andere wezens of verschijnselen, zowel onderscheiden deel van de ene werkelijkheid is als tegelijk volledig een met de eenheid die er de grondslag van is, en die in feite niet beschreven kan worden omdat zij niet van iets te onderscheiden is. Elk apart verschijnsel – als apart onderscheiden – is dus als zodanig tegelijk, samen met alle andere verschijnselen, die ‘eenheid’, in verbondenheid en in unieke eigenheid. Voor Roemi is die eenheid God, de Geliefde.
In christelijk-theologische termen wordt en werd zo’n opvatting wel pantheïstisch genoemd (daarmee werden bijvoorbeeld Johannes Scotus Eriugena en Meister Eckhart bestreden) maar dat is meer een categorie om het gekenmerkte op de schroothoop van de ketters te gooien dan een oprechte kwalificatie. Waar het in dit niet-dualisme om gaat, is uitvoerig bestudeerd en verwoord door de Indiase denker Nagarjuna die er de grondslag van de belangrijkste Mahayana-boeddhistische filosofie mee legde, maar het is even uitvoerig besproken in de traditie van de Advaita Vedanta, in het hindoeïsme dus, en wordt daar als praktische weg overgeleverd van leraar op leerling. De overdracht van leraar op leerling zien we ook in het latere Zen-boeddhisme dat de niet-dualistische traditie van de taoïstische filosofie van met name Lao Zi en Zhuang Zi incorporeerde; maar ook in andere tradities die zich sterk bewust zijn van de relatie tussen lessen en gedrag, en dus van de relativiteit van taal! Ook Roemi trouwens had zo’n sterke band met zijn leraar Sjams waarvan ik hier niet het buitengewoon indrukwekkende verhaal zal vertellen van hoe hun ontmoeting wordt beschreven en voorgesteld. Terug naar Liefde is de weg.

Back to top

Liefde is de weg; indrukwekkende poëzie

Deze bloemlezing (met uitleg) van kwatrijnen van Roemi heeft een andere toonzetting dan de eerder verschenen boeken met teksten van Roemi. En dat is ook te zien aan de presentatie: tussen de vertaling door staan kalligrafieën over de kwatrijnen. De kwatrijnen zijn bij uitstek bedoeld om de lezer en hoorder ervan ook te betoveren door de schoonheid van de woorden, van hun vorm zowel als van hun inhoud. En de kalligrafieën voegen daar het hunne aan toe.
Ik kan van deze kwatrijnen in vertaling in het algemeen zeggen dat ze een diepe indruk op mij maken. Het lezen van de toelichting vergroot dat effect nog sterk. Laat ik aan mijn bespreking van de vorige twee uitgaven in deze serie van dezelfde vertalers (Sipko den Boer en Aleid Swierenga) daarom toevoegen dat ik hun vertalingen indrukwekkend vind van kwaliteit: zowel inhoudelijk als taalkundig van afgewogen precisie en trefzekerheid voor oren en ogen van onze tijd en cultuur. En dat betekent nogal wat, want de afstand tussen de dertiende eeuw in Klein-Azië (in het nu Turkse Konya) en het Nederland van nu is niet bepaald gering. De vertalers zijn er werkelijk in geslaagd de oude inhoud met modern aansprekend idioom over te dragen, echt geweldig! Dat valt bij deze kwatrijnen nog te meer op omdat de vorm hogere eisen stelt. Wat een enorm werk moet daaraan zijn besteed! Maar laat ik direct daaraan toevoegen dat ik door Liefde is de weg en door het volgende te bespreken boek, de opgeschreven woorden van Sjams, niet minder sterk onder de indruk ben van de kennis van de vertaler uit het Perzisch, Sipko den Boer. En dan niet zozeer vanwege zijn taalkennis – die ik niet kan beoordelen, dat zal wel heel goed zitten! – maar zijn inhoudelijke kennis van waar Roemi en Sjams het over hebben, en hoe hij dat interpreteert voor ons in onze tijd en cultuur. Niet alleen weet hij de afstand tussen ons en de beide auteurs te verkleinen zonder aan ons of de auteurs teveel onrecht te doen – iets dat op zichzelf al een enorme prestatie is – maar hij laat in zijn commentaar duidelijk zien dat hij weet waar Sjams en Roemi het over hebben, welke praktijken en ideeën zij er op na hielden, en biedt naast verduidelijkende citaten uit de Koran of uit verwante teksten van dezelfde of andere auteurs, vervolgens zonder dat dat storend is ook vaak nog een treffende en duidelijke eigen toelichting waar veel van te leren valt. Dat maakt deze boeken allemaal samen van uitzonderlijke waarde. Die niet gauw overtroffen zal worden zo ver het om vertalingen in het Nederlands met toelichting van dezelfde teksten gaat.

Back to top

Waar twee oceanen samenkomen: diepe betekenis, prachtig toegelicht

In verband met Waar twee oceanen samenkomen: De inspiratie van Sjams en Roemi: Bloemlezing uit de Maqalat-e Sjams [De woorden van Sjams], moet gezegd worden dat de vonk die oversloeg tussen deze beide mannen zo groot was dat zij in vervoering dagen met elkaar doorbrachten en dat het daarbij niet bleef maar dat Roemi’s leven er helemaal door veranderde en dat van Sjams in zekere zin ook omdat hij na de jaren van onderricht aan Roemi op een minder aangename wijze van het toneel verdween, een manier die voor de goede verstaander met de juiste gegevens erover veelzeggend zou kunnen zijn. Die laatste informatie is echter niet honderd procent unaniem, en dus blijft het gissen. Bij het lezen van deze woorden van Sjams valt op hoeveel parallellen er zijn met de woorden en opvattingen van Roemi, waarbij de manieren van uitdrukken duidelijk verschillen. Sjams is korter en robuuster, soms ongegeneerd. Roemi is welsprekender, niet minder qua diepte of inzet en niet anders qua inhoud maar met meer toelichting of verwijzingen. Het gaat in deze woorden honderd procent om spirituele groei en rijping en verlichting, en de inhoudelijke ‘dichtheid’ van de woorden van deze teksten is enorm. Althans zo heeft Sipko den Boer die voor de zeer uitgebreide toelichting zorgde, het voorgesteld. Hij laat de vele zinspelingen op voorstellingen en teksten uit de islam, speciaal de koran, zien door citaten uit de laatste en uit de oudere literatuur te geven. Ook biedt hij de veel van de belangrijkste parallellen uit de teksten van Roemi, wat verhelderend is voor het leren kennen van wat zij delen en wat hen onderscheidt in de vorm waarin zij het overdragen. Ondertussen is de lezer zelf deelgenoot geworden in het leerproces van Roemi (en dat van Sjams – en Roemi – als leraar!). Daarnaast biedt den Boer ook hier zoals ik boven al vermeldde, zelf nog waardevolle toelichtingen over het gaan van de spirituele weg. Nogmaals, een boek met grote betekenisdichtheid van de teksten. Terwijl de teksten van Sjams 54 pagina’s beslaan, is behalve de heldere en waardevolle inleiding van 30 pagina’s, de hele rest van het boek op register, woordenlijst en literatuurlijst na gewijd aan de toelichtende citaten en uitleg. Het is een verbazingwekkende ervaring geweest voor mij: je schuift met de woorden van Sjams maar heel langzaam voort, en met de toelichting die bladzijden kost heb je inhoudelijk zoveel te stellen en te genieten dat je denkt dat het boek nooit uitkomt – en als je het dan eenmaal uit hebt kun je alleen maar bevestigen en erkennen dat dit diepe heel diepe en waardevolle spirituele pagina’s zijn die je van links tot rechts van boven tot onder van achter naar voren of hoe ook, aanraken, te denken geven, omver duwen of losweken of wat dan ook, maar je bent er zeker van dat wat Sjams en Roemi ervaren hebben en willen doorgeven, waar zij naar verwijzen om ons aan te steken, van onmetelijke waarde is … en tegelijk dat we die waarde zelf altijd kunnen beseffen ook zonder deze teksten te lezen of te horen, als we maar bereid zijn onze zintuigen open te houden en ons te oriënteren op … Lees zelf maar! Is ons leven in subliemste vorm en ervaring – maar dus ook in het tegendeel daarvan waarzonder wij dat niet ervaren – een dichtwerk van de Ene die zich ‘spiegelt’?

Back to top

Vragen

Ik heb verder wel mijn vragen bij het specifieke van (deze) spiritualiteit, zoals bij de symboliek van de wijn en de roes, die mij doet vragen waar spirituele en lichamelijke roes verschillen en elkaar overlappen. Misschien een typisch moderne (cartesiaanse) vraag, maar ook in ander opzicht liggen er interessante, deels filosofische vragen met praktische aspecten. Zo blijkt de islamitische mystiek waaronder die van Sjams en Roemi sterk beïnvloed door de klassieke Griekse filosofie met name het neoplatonisme. Maar zowel de ene als de andere vraag betreffen zaken die in de nu vertaalde teksten minder op de voorgrond staan, en daarom in ander verband aan de orde kunnen komen. Evenals verdere vragen over de ‘theorie’ van de islamitische spiritualiteit , en de verschillende praktijken die in de loop van de eeuwen zijn beoefend, en deels nog steeds beoefend worden. Ook over de plaats van de mystiek en de mystieke ordes binnen het geheel van de islam. Uiteraard komen daarbij ook culturele vragen aan de orde, zoals de verhouding van Westerse en andere culturen, en de verhouding tot politiek en staat daarin.

Back to top

Eindoordeel: hoogwaardige, sterk aanbevolen uitgaven

Ik prijs vertalers, illustrator, uitgeverij en vooral ons lezers gelukkig met de vier boeken in deze ‘serie’. Poëzieliefhebbers zullen er verbaasd van zijn. Zeker als zij in Perzische of Arabische of daaraan verwante poëzie geïnteresseerd zijn. Vervolgens mag niemand die ook maar enigszins in spiritualiteit geïnteresseerd is, deze uitgaven missen; zij of hij kan er het nodige aan hebben of van leren. Speciaal ook wie in niet-dualisme, of in de islam of de verhouding van de islam met andere godsdiensten, speciaal joden- en christendom maar zeker niet alleen deze, is geïnteresseerd. Fundamentalisten zullen versteld staan hoe levend hun traditie ook zonder eenzijdige verabsoluteringen kan zijn. Islamieten treffen hier een traditie aan die alle recht doet aan de spirituele kracht van de islam. En deze boeken vormen beslist een uitdaging aan Nederlanders en andere Westerlingen om hun eigen spirituele cultuur, geschiedenis en dichtkunst opnieuw te leren kennen en vergelijken met deze hoogwaardige uitgaven. Buitengewoon aanbevolen.

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

Sint Laurens op Walcheren is mijn geboortedorp (1947); mijn ouders waren † Leen Koole en † Suzan (San) Huibregtse; mijn zus is Jopie en mijn broers zijn Wibo en † Rien. Mijn jeugdvrienden waren † Peter Karstanje en Wim Wattel. Nel Knip is mijn levenspartner. Wij wonen in Driebergen na Amsterdam en Tiel. Wij kregen twee kinderen en vier kleinkinderen. Ik werkte als wetenschappelijk medewerker filosofie in Amsterdam, cursusleider religie en samenleving in Driebergen, universitair bibliotheekmedewerker in Amsterdam, Utrecht en Den Haag (KB). Uiteindelijk als vertaler en auteur. Na het gymnasium studeerde ik in Amsterdam theologie (was vier jaar student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik vertaalde en schreef een aantal boeken (zie in kolom links). Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. Na onze pensionering zijn Nel en ik onder meer bezig met: onze kleinkinderen, andere contacten, diverse activiteiten en lezen.