BK-Books.eu » Besprekingen » Joe Speedboat

Bespreking van...

Tommy Wieringa, Joe Speedboat: Roman, Amsterdam (De Bezige Bij) 2006-15e druk (2005-1e), 316pp.

Gezien vanuit de hoofdpersoon, een jongen die door een ongeluk met een landbouwmachine gehandicapt raakt en altijd bezig blijft zijn handicap te overwinnen, wordt het verhaal verteld van een aantal dorpsjongens die volwassen worden. Tegenslagen en overwinningen, techniek en liefde, stad en dorp, eerste en derde wereld, vrouwen en mannen, zwakzinnigheid en intelligentie, natuur en cultuur, het zijn maar enkele van de thema’s. Een plezier om te lezen. Maar het meest vond ik de toon treffen. Een beetje schrijnend, zintuiglijk. Zoals bij de Japanse Nobelprijswinnaar Kenzaburo Oë. En tegelijk soms nogal intellectueel, wanneer er nogal veel bij gehaald wordt om de lezer te vermaken of te prikkelen. Maar de kracht van het verhaal, de belevenissen en ervaringen, wegen daar ruimschoots tegenop. Met de hoofdpersonen in wie we onszelf in allerlei opzichten goed kunnen identificeren, maken we zelf een ingrijpende en spannende ontwikkeling door. Die een zekere weemoed achterlaat als we de laatste bladzijde omgeslagen hebben. Het is een boek dat midden in onze tijd lijkt te staan met haar onoverbrugbare nabijheid tussen wat zich onder onze neus afspeelt en wat elders in het land en in de wereld. Waar wordt de generatie van de auteur – nu nog vooral dertigers, neem ik aan – oud voor?

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.