BK-Books.eu » Besprekingen » Jezus: gezocht en onderzocht

Bespreking van...

… Marcus Borg, Jezus: gezocht en onderzocht: De renaissance van het Jezus-onderzoek, Zoetermeer (Meinema) 1998, 192 pp., met register

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Wie de beste historische informatie over Jezus wil vinden, heeft aan dit boekje een waardevolle handleiding (zij het dat de literatuur hierover nog sterk toeneemt). Borg geeft niet alleen een overzicht van de meest recente ontwikkelingen in het historisch onderzoek naar Jezus, maar ook een verklaring van de belangrijkste vragen die zich hieromtrent hebben voorgedaan en nog voordoen; en hij doet dat buitengewoon helder, zodat de lezer zich zelf een oordeel kan vormen (dat geldt niet voor alle detailkwesties, soms slaat Borg de argumentatie daarbij over, hoewel je daar nieuwsgierig naar gemaakt bent). Het boekje bevat ook waardevolle literatuurverwijzingen en informatieve noten.

Borg bespreekt vele aspecten van vele (ooit) gangbare beelden over Jezus en doet dat op een uiterst informatieve wijze. De meest onderbelichte zaak daarbij is dat Jezus in de eerste plaats wijsheidsleraar was (Borg noemt ook literatuur hierover). Op een van de andere onderbelichte zaken, de sociaal-politieke context, ga ik nu verder in.

Tot nu toe heb ik nog nergens zoveel inzicht bij elkaar gevonden over de maatschappelijke omstandigheden ten tijde van Jezus, en over hoe dit de bekende uitspraken over zijn daden en woorden verklaart. Het is teveel om op te noemen, maar ik verwijs in ieder geval naar de volgende contexten die Borg bespreekt: landbouwmaatschappij en politiek in het eerste-eeuwse Palestina, patriarchale samenleving en politiek in Palestina, en de reinheidssamenleving en reinheidspolitiek in het eerste-eeuwse Palestina (84-124, speciaal 89vv.). Ieder van deze drie contexten (die in het boek een nadere uitleg krijgen waarvoor hier geen plaats is) biedt verklaringen die veel verhelderen van wat de welwillende maar ongeïnformeerde lezer anders misverstaat. Het is dus onmisbare kennis om de evangeliën en andere teksten uit die tijd verantwoord te lezen. Om maar één belangrijk punt te noemen: de ‘reinheid’ die de Farizeeën nastreefden was niet kwalijk omdat reinheid op zichzelf verkeerd was of overdreven werd maar omdat reinheid door hen werd gebruikt als maatschappelijk en politieke drukmiddel, te weten om de lagere klassen van boeren en arbeiders ondergeschikt te houden aan de maatschappelijke en politieke elites van die tijd, de hogepriesterlijke families en grondeigenaren. Het zit nog ingewikkelder in elkaar – ik verwijs graag naar de heldere uitleg in het boek – maar om dit feit kan men niet meer heen. En zo zijn er vele feiten die mee helpen Jezus dichterbij te brengen.

Helaas komt het meest recente boek van Burton Mack, Wie schreven het Nieuwe Testament werkelijk?, niet in Borgs boek voor (wel eerdere boeken van Mack en veel van hun beider collega’s). Over Macks boek ben ik erg enthousiast, evenals over dit van Borg. Mijn indruk is dat Mack de sociaal-politieke context van Jezus wellicht iets teveel op de achtergrond laat ten gunste van de op zichzelf uiterst waardevolle literaire analyse waaruit Jezus als wijsheidsleraar naar voren komt; misschien is Mack op dit punt aan te vullen (misschien, omdat Macks analyse zeer overtuigend blijft). Als het sociaal-politieke element bij Jezus zelf niet de kern is, dan toch zeker bij bepaalde belangrijke kringen in Palestina direct om hem heen en na hem, en na lezing van Borg komt het mij voor dat ook in Jezus’ beleving (iets anders dan dat het per se de kern van zijn optiek is) de sociaal-politieke context een zeer aanzienlijke plaats ingenomen heeft (zie bijvoorbeeld inmiddels ook mijn lezing “Jezus, Thomas en het latere christendom: spirituele verlichting en maatschappelijke solidariteit”).

Anderzijds heb ik op Borg iets tegen, te weten dat hij niet inhoudelijk maar wel qua verpakking probeert de afstand tot meer traditionele christenen van nu zo klein mogelijk te houden. Daarmee suggereert hij toch dat de traditie met een eigen waardevol wetenschappelijk standpunt komt, terwijl hij dat in feite in de rest van zijn boek onderuit haalt. Overigens is dat niet zozeer een kwestie van onzorgvuldigheid – Borgs boekje is een toonbeeld van in zorgvuldigheid omgezette goede intenties – maar ik ben kennelijk minder optimistisch over de mogelijkheid van een open gesprek met fundamentalistische christenen dan hij (ik ben wel met hem eens dat je dat altijd moet nastreven). Het raakt tijd dat de verschillende wetenschappelijke disciplines die bij dit onderwerp (en vergelijkbare onderwerpen) eens in kaart brengen wat de verschillende stromingen in de wetenschap de verschillende groepen niet-academici ten aanzien van hun vragen te bieden hebben! (Borg komt een eind op weg in die richting voor dit onderwerp, maar nog niet ver genoeg.)

Wie in Jezus, in het geloof in Jezus, in het historisch onderzoek naar Jezus geïnteresseerd is, heeft aan dit kleine boekje een uiterst leesbare kleine goudmijn. Dat geldt mijns inziens overigens zowel traditionele als moderne christenen, als alle andere geïnteresseerden.

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Back to top

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.