BK-Books.eu » Besprekingen » Gevallen in de armen van God

Bespreking van...

… Megan Don, Gevallen in de armen van God: meditaties met Teresa van Avila, [met aanwijzingen voor gebruik, ] Deventer (Ankh-Hermes) 2006, 239 pp.

Kernwoorden: , , ,

Het eerste wat ik over dit boeiende boek wil schrijven is dat het een rijkdom bevat aan hints, waarnemingen en inzicht die van belang kunnen zijn voor alle reizigers op hun spirituele weg. Want die weg is in dit boek duidelijk een weg naar het eigen binnenste. Daar kan iedere mens zijn essentie vinden die een is met God.
Ik vind het boek ook interessant vanwege de spirituele ervaring die eruit blijkt. Daarin biedt het inzichten. En daaruit leidt het tips af hoe je in allerlei fasen en situaties met jezelf en anderen om kunt gaan met eenwording met God als uiterst zinvolle uiteindelijke doel en criterium.
Natuurlijk is God een omschrijving. Ik ga niet in op wat precies allemaal over de eenheid met God in dit boek is opgeschreven. Op één ding na: God is oneindig groter dan wij die in zijn armen mogen vallen en met hem één mogen zijn. Hij is altijd bij ons en wij kunnen ervaren en leren wat dat betekent. Toch neemt God ons initiatief en onze vrijheid niet van ons af maar wij mogen die ontplooien totdat en zodat we de volkomen eenwording ervaren en verwerkelijken in iedere ademtocht, iedere handeling. Dat we die eenheid niet altijd zien of ervaren is een werkelijkheid die niet ontkend hoeft te worden maar die aan deze feiten niets verandert.

Teresa van Avila was een non in de zestiende eeuw in Spanje, die een nieuwe tak van de orde van de Karmelietessen stichtte. Zij schreef een bekend werk “Het innerlijke kasteel” dat verdeeld zou zijn in zeven vertrekken die spiraalsgewijs doorlopen kunnen worden naar het centrale vertrek waar de bruiloft plaatsvindt van de ziel met God. De zeven vertrekken kunnen symbolisch opgevat worden als stadia in het spirituele proces, en dat is ook de opzet van dit boek. Zeven hoofddelen zijn verdeeld in meerdere korte stukjes van 2 of 3 pagina’s die een aspect van het spirituele proces behandelen.
Die hoofdstukjes zijn allemaal juweeltjes van helderheid en psychologisch inzicht. Iedere lezer en lezeres kan er uit halen wat bij de eigen fase of situatie past. Ze worden telkens afgesloten met enkele korte zinnetjes zowel het hoofdstukje samenvatten als aanleiding kunnen vormen tot een korte meditatie waarin het ontdekte wordt gerealiseerd.

Mijn interesse in Teresa van Avila is door dit boekje toegenomen. Ik kende nog weinig van haar en heb niets van haar gelezen maar het is duidelijk, ook uit de citaten die Megan Don gebruikt – alleen al ieder hoofdstukje begint met een mooi citaat -, dat zij Teresa’s geschriften en biografie goed kent. Ik kan niets zeggen over hoe dicht zij bij Teresa’s oorspronkelijke inzichten is gebleven al is helemaal duidelijk dat zij die uitlegt op een voor ons mensen van de eenentwintigste eeuw heel erg begrijpelijke wijze. Af en toe schemert iets door van de afstand die bestaat tussen de cultuur van de zestiende eeuw in deze nonnenkloosters en hun Spaanse omgeving, en de moderne Westerse, beïnvloed door de herleving van interesse voor spiritualiteit uit alle windstreken. De auteur komt zelf uit Nieuw-Zeeland en later Australië (waar zij non werd) maar geeft inmiddels workshops in meerdere continenten.

Het zou interessant kunnen zijn na of naast dit boek een biografie van Teresa te lezen, die wellicht nog meer diepte aan sommige inzichten en voorbeelden kan geven, althans aan het ontstaan ervan. Zoals het boek er nu ligt, is het heel waardevol, ook los van die historische context. Het boek maakt ook niet speciaal een rooms-katholieke indruk hoewel de herkomst uit die traditie niet helemaal onherkenbaar is.
Wat ik node mis, is meer inzicht en informatie over welke plaats Teresa en haar nieuwe orde innamen in het maatschappelijke leven van hun tijd. Een paar dingen komen we wel te weten, zoals de afkomst van Teresa uit hoge kringen. En haar strijd met de bobo’s van die tijd om haar orde te vestigen. En wat misschien nog belangrijker is, dat zij haar eigen ingevingen als Godgegeven beschouwde, met andere woorden dat zij niet alleen op de kerk of de bijbel koerste maar ook op haar eigen ervaring – al lezen we hier nergens dat die haar met het gezag ven kerk of bijbel in theologische tegenspraak bracht. Omdat ik mij interesseer in de vrije en symbolisch kritische positie van geestelijken ten opzichte van het maatschappelijk gezag – geen sterk punt in de Westerse traditie vanwege de aanpassende positie van de georganiseerde kerk (parochies tot en met nationaal of internationaal centraal gezag) – en omdat ik mij interesseer in de sociale aspecten van de uitleg van Jezus en zijn boodschap, had ik hierover graag iets meer gehoord. Het blijft nu bij de aandacht voor de individuele spirituele groei, hoe waardevol ook.
In de literatuurlijst ontbreekt een Nederlandse vertaling van de geschriften van Teresa. Wellicht is de kwaliteit van moderne Engelse vertalingen (waarvan er verschillende genoemd worden!) ook beter?
Het boek ligt prettig in de hand en heeft een aangename opmaak.

Wat mij vooral treft, is de rijkdom aan inzichten op het gebied van de spirituele ontwikkeling die een mens kan doormaken, en die hier prachtig en heel erg toegankelijk naar voren komen. Voor de geïnteresseerde: neem en lees!

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.