BK-Books.eu » Besprekingen » De weg van Stilte

Bespreking van...

Anthony de Mello, De weg van Stilte, Amsterdam (Samsara Uitgeverij) 2005 (oorspr. Spaans 1992), 191pp.

In dit boek spreekt iemand van wie je kunt zeggen dat hij echt uit ervaring spreekt. En wel spirituele ervaring, gegroeid inzicht, levende verlichting en vrijheid en universele liefde. Ik kan eigenlijk niet veel over dit boek zeggen, daarvoor gist het nog teveel in me. Het is op zich goed mogelijk in een paar zinnen aan te geven wat hij in dit boek vertelt. Het is mijns inziens zijn persoonlijke inleiding in de spirituele weg. Maar dat is een indruk waarbij ik een voorbehoud moet maken omdat dit nog maar het tweede boek is dat ik van hem lees, het andere was Handvol water. Wat ik zonder voorbehoud kan zeggen, is dat Anthony de Mello mij diep raakt met vrijwel alles wat hij hier schrijft. Niet alleen omdat hij erg van binnen uit schrijft maar ook omdat het buitengewoon op mij van toepassing lijkt. Dat komt ook wel door zijn gebruik van oude christelijke en oosterse tradities maar vooral door zijn boodschap dat je het als wandelaar op de spirituele weg alleen van ‘jezelf’ kunt hebben en van niemand anders. Dit in tegenstelling tot allen die zeggen dat je hen moet volgen of hun regels. Hij maakt dit ook glashelder, en wel zo dat alle waardevols dat je eerder ontdekt had of eigenlijk wel wist, past in of overeenkomt met wat hij zegt. Hij formuleert het bovendien sterk. Maar het belangrijkste is dat het een verpletterend ware indruk maakt: hier heb je wat aan. Dit is het. Toegegeven, het lijkt op de oude boodschap van de christelijke mystiek en de christelijke vroomheid: het licht is ook in jou. Het punt is natuurlijk dat het zo is: het Koninkrijk van God is (ook) in ieder mens. En omdat we veel kunnen begrijpen maar alleen onze eigen ervaring kunnen leven, gaat het om het beleven en verwerkelijken van die grote ontdekking. Zeg dus maar dat het boek erover gaat wat die inhoudt. De ontdekking dat wij in onze kern volledig vrij zijn, volledig liefde zijn en volledig gereed zijn om de ons geschonken talenten en eigenschappen – zintuigen, een lichaam, kennis, ervaring – te gebruiken op een wijze die met die kern van licht overeenstemt. Door helemaal mee te gaan met de werkelijkheid die we alleen nu steeds opnieuw kunnen beleven, in voortdurende verandering. Zonder beheerst te worden door het verleden, of al vast te zitten aan een toekomst. Want verleden en toekomst zitten vast aan de bron van ons actuele leven, waar we altijd van kunnen drinken. Wat zouden we anders moeten?
Voor mij een sterk en indrukwekkend boek, dat ik anderen van harte aanbeveel. Misschien dat bij anderen andere inspiratie beter past. Dat zou best kunnen. En ook voor mij zal er best ook nog meer inspiratie te vinden zijn. Maar dit is het beste boek dat mij sinds jaren overkomen is. Waarom zou je / u het ook niet eens proberen?
Na een begin dat me eerst wat afstandelijk voorkwam, duikt de auteur midden in de zaken. Dan volgen een groot aantal hoofdstukjes met titels als ‘Vrede’, ‘Geluk’, ‘Echt leven’, ‘Bevrijding’, ‘Je gevoelens uiten’ enzovoort. Een interessant aspect van het boek is dat het vol boeiende verhalen staat en vooral vol boeiende oefeningen. Die zijn er allemaal op gericht om ons denken te veranderen, onze manier van zien, onze vooroordelen. Dus om ons te bevrijden.
De schrijver maakt daarbij duidelijk dat vooral de minder prettige ervaringen ons veel kunnen leren – in de eerste plaats over onszelf. En over de bronnen van ons eventuele lijden, om een ander woord voor ons ongenoegen te noemen. Ook maakt hij – zodoende – veel duidelijk over wat ‘meditatie’ is, en spiritualiteit. Ik zal de neiging weerstaan om veel te citeren uit dit boek, maar er staan werkelijk veel uitspraken in die de moeite van het overdenken meer dan waard zijn. “Als je niet geniet van het leven, is er iets heel erg mis met je.” (187) “Perfecte liefde verdrijft alle angst, want liefde verlangt en eist niets; ze marchandeert niet en ze oordeelt niet. Liefde is er gewoon, altijd en overal; het enige wat ze doet is waarnemen en in actie komen.” (190v.) “Hoe meer je van anderen houdt, hoe meer je zonder hen kunt. Hoe meer je van anderen houdt, hoe meer je mét hen kunt.” (191)
En zo gaat het maar door, over gebed (begrip, aandacht, de bereidheid om te zien) en spiritualiteit (wakker worden). (99) “Echt geluk heeft geen oorzaak.” …Wat kun je doen om gelukkig te zijn? Niets!” (95) “Als we dat willen, dan kunnen we onmiddellijk gelukkig zijn want geluk ligt in het moment zelf. Maar gelukkiger willen zijn dan je al bent of dan andere mensen, is het beste bewijs dat je ongelukkig bent. Geluk is namelijk niet te vergelijken. Een dergelijk verlangen in is niet te realiseren. We kunnen alleen maar gelukkig zijn zoals we zijn; de mate waarin anderen gelukkig zijn valt niet te meten.” (188)
De enige weg naar bevrijding loopt via het kijken naar onszelf en het loslaten van onze vooroordelen, en van de angsten en het gedrag die uit die vooroordelen – door anderen aan ons geleerd of door onszelf bedacht – voortvloeien. De enige die daar echt iets aan kan doen, ben jezelf. Maar dan ook echt. Daar wordt het niet altijd prettiger van, maar wel ontspannen, helder en gelukkig. Omdat je in de leegte van jezelf universele liefde vindt, de vreugde die door de wereld stroomt.

Als interessante bijkomstigheid merk ik nog op dat de Congregatie voor de Geloofsleer van de Rooms-Katholieke Kerk in 1998 (11 jaar na het overlijden van Anthony de Mello, van wie een interessante biografie op Internet is verschenen van de hand van zijn broer) een veroordeling van diverse opvattingen van de Mello heeft gepubliceerd. Waarmee zij wil zeggen dat Pater de Mello – een erkend lid van de Societas Jesu, de Jezuïetenorde – in de loop van zijn leven steeds minder de opvattingen weerspiegelde die passen binnen de rooms-katholieke opvatting over God, Jezus en de weg tot verlossing. Het is voor mij vooral een interessant – hoewel kort, namelijk uit anderhalve pagina bestaand – document omdat het deze opvattingen wel hoogst gevaarlijk noemt, maar niet zegt waarom. Met andere woorden, het gaat om een afgrenzing tegen opvattingen die de macht van de kerk kunnen aantasten (iets dat ook met zoveel woorden als verfoeilijk wordt aangeduid). Net overigens – de Mello is daar inderdaad gelukkig heel duidelijk in – als alle andere religieuze instituten die gehoorzaamheid boven eigen ervaring en vrijheid stellen, en dat niet via een vrijwillige keuze maar via het beheer van de waarheid die zij in pacht hebben respectievelijk menen te hebben. Jammer voor die instituten zou ik zeggen maar ik geloof dat Jezus er precies zo over dacht. Uiteraard zonder tot slechtheid op te roepen. Nee het gaat hier inderdaad om iets fundamenteels, zeker als je spiritueel wilt groeien ofwel wakker worden, zoals de Mello het noemt. Wat meent zo’n congregatie – indertijd onder leiding van de nu paus geworden kardinaal Joseph Ratzinger – met dit overigens heel heldere en prachtig genietbare kruidenierswerk te bewerkstelligen? Haar mening zij haar gegund maar is zo’n veroordeling nu een bewijs van of ondersteuning voor spirituele vrijheid? Kennelijk had de Mello iets belangrijks te vertellen, dat maak ik er uit op.
Andere publicaties van de Mello – meest in het Engels en andere talen – zijn gemakkelijk via Internet op te sporen. Uitgeverij Samsara publiceerde in Nederlandse vertaling van hem ook het boek Bewustzijn.

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.