BK-Books.eu » Besprekingen » De uitgelezen Sartre

Bespreking van...

… [Jean-Paul Sartre], De uitgelezen Sartre, Samengesteld, ingeleid en geannoteerd door Ger Groot, Vertaling Frans Montens, Leo Fretz, Frans de Haas, Marianne Kaas, Ger Groot en anderen, Onder hoofdredactie van Ger Groot en Guido Vanheeswijck, Tielt (Lannoo)/Boom (Amsterdam) 2000, met toelichting op de vertalingen, levensloop, bibliografie, noten en register, 373 pp.

Kernwoorden: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Deze uitgave is de moeite alleen al waard vanwege de erin opgenomen inleiding (9-54) van de hand van samensteller Ger Groot. Voor mij was het een spannende ervaring om deze goed geschreven inleiding te lezen. Enerzijds om mij weer bewust te maken van de betekenis die het werk en de persoon van Sartre (vooral het oudere literaire werk en de latere activistische persoon) in mijn herinnering hadden. Anderzijds om de verschillende verbanden en verschillen te zien met andere denkers en gedachten (Heidegger, Hegel, Descartes, vervolgens Sartres medestanders en critici waaronder degenen die hem op het filosofische toneel aflosten) waarbij dan vooral een aantal verbanden mijn aandacht trokken die ik nog niet eerder zo overzichtelijk en duidelijk naar voren heb zien brengen. Groot schildert ook goed hoe Sartre in zijn eigen denken vastloopt. Daardoor worden enerzijds de grootsheid van zijn ontwerpen (de vrijheid van het individu, zijn morele opdracht) en anderzijds de tekorten ervan (vooral het intellectualisme van zijn existentialisme en de tendens tot ‘gewelddadigheid’ van de morele inzet bij Sartre) goed zichtbaar. Beide lijken mij erg leerzaam en daardoor waardevol.

Ik voel mij sterk aangetrokken tot het existentialisme van Kierkegaard, Heidegger, Sartre en Camus – hoezeer ook verschillend (zie het uitstekende overzichtsboek Authenticity van J. Golomb). En van ieder van hen leer ik graag de sterke en zwakke kanten kennen. Bij Sartre – naast zijn genoemde morele inzet – zijn sterke gave voor observaties en het analyserend weergeven van de essentie van wat hij ervaart. Als zwakte zijn activistische en intellectualistische overdrijvingen, zijn hardheid tegenover sommige medemensen en zijn naar de mond praten van de Sowjetmachthebbers toen hij al lang wist van de Stalinterreur (al was het nog de tijd dat de Koude Oorlog maar pas begon en de idealen van het marxisme als maatschappelijk relevante filosofie een betere pers hadden dan tegenwoordig).

Ik acht mij niet de meest bevoegde om een vergelijkend oordeel te geven over de keuze en de kwaliteit van de vertalingen en van het notenapparaat. De indruk die ik heb is echter die van een grote zorgvuldigheid en hoge kwaliteit. Een deel van de teksten verschijnt bovendien voor het eerst in het Nederlands.

Voor wie wil weten waarom Sartre belangrijk is – speciaal als denker ofwel in filosofisch opzicht – een belangrijk hulpmiddel.

Verder wil ik nog zeggen dat de existentialistische, humanistische inzet van Sartre en het blootleggen door hem van de radicaliteit van het menselijk bestaan mij herinnert aan de boeken van die andere – latere – Nobelprijswinnaar, de Japanse schrijver Kenzaburo Oë. Boeken die doortrokken zijn van schrijnende werkelijkheid, en tevens van een geweldige honger naar menselijkheid, ook al wordt die niet altijd gestild.

Back to top

Naar inhoudelijk meest verwante eerstvolgende pagina

Naar chronologisch eerstvolgende pagina

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens, en studeerde vanaf 1965 in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en een inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en buiten alle tegenstellingen", te verschijnen in 2020.