BK-Books.eu » Besprekingen » De lerarenkamer

Bespreking van...

Markus Orths, De lerarenkamer, Vertaald door Gerrit Bussink en Elly Schippers, Amsterdam (Podium) 2004, 142 pp.

Roman over leraar die solliciteert naar een plaats op een middelbare school in een andere plaats. Beklemmend is een woord dat bij mij opkomt om de sfeer aan te geven van de uiterst herkenbare ervaringen die de man daarbij opdoet met de rector, de andere leraren, de schijn en de werkelijkheid van het systeem en de regels op school en van het schoolwezen, zijn eerste lessen enzovoort. Het boek eindigt ermee dat hij na enkele weken of dagen alweer solliciteert in een andere plaats. De ervaringen zijn erg deprimerend zonder dat de hoofdpersoon ooit iets onoverkomelijks gebeurt. De dreiging daarvan is echter voortdurend aanwezig. Associaties die mij te binnen schieten: Het proces van Kafka (al heb ik dat nog nooit gelezen), Catch-22 van Joseph Heller (idem), Animal farm en 1984 van George Orwell, en existentialistische werken zoals Walging van Sartre. Het boek leest erg gemakkelijk maar je krijgt ergens de indruk dat de auteur gek is of bezig is het te worden – voor de auteur mag je hopen dat hij niet alleen maar autobiografisch heeft geschreven maar bewust een literaire draai aan zijn werk heeft gegeven. In ieder geval knap geschreven, het is hilarisch en beklemmend tegelijkertijd.

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.