BK-Books.eu » Berichten » Leven vanuit eenvoud: is dat vergelijkbaar met leven uit niet-doen?

Leven vanuit eenvoud: is dat vergelijkbaar met leven uit niet-doen?

In 2015 verscheen Inleiding taoïstische filosofie: Leven vanuit niet-doen, red. Michel Dijkstra. Alle bijdragen, verder van René Ransdorp, Jan De Meyer, en Woei-Lien Chong, zijn erg de moeite waard. Vooral omdat taoïsme niet een simpele variant op ons Westerse denken is, al zijn er vele aanknopingspunten. Eenvoud is ook in de Westerse traditie een begrip, zowel intellectueel als praktisch (zie ook mijn Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen). Het taoïsme biedt echter in zijn kernachtigheid en variatie een buitengewoon toegankelijke aanvullende visie (of waarschijnlijker: visies) die voor iedere zoeker naar eenvoud en eenheid of samenhang (of zelfs diepgang) in het Westen van grote waarde kan zijn. Wat mij betreft: is. Want ik leerde samen met mijn vrouw Nel Knip al veel op cursussen van René Ransdorp waar we onder zijn leiding de Daodejing van Laozi lazen. Tegelijk moet daarbij gezegd worden dat juist de meest fundamentele houdingen en opvattingen van Lao Zi indien consequent beleefd en in praktijk gebracht, zeg maar beoefend, minder ideologisch bezwaard lijken dan de zwaarte waar Westerse ideologen hun theologieën of filosofieën mee brachten. Het grootste verschil lijkt me dat taoïsten een natuurlijke houding en levenswijze voorstaan, niet belast met vooringenomenheden maar bereid tot volstrekte openheid en bijbehorende verantwoordelijkheid. Die laatste komt vaak neer op niet ingrijpen omdat dat te voorbarig kan zijn (vaak is). Dat is wel het grootste verschil naar mijn indruk. Maar aan dit verschil hangen zoveel andere waardevolle inzichten en levenshoudingen dat het de moeite waard is die goed te verkennen. Ik kan niet anders zeggen dat wie dat wenst te doen, althans op papier en met woorden een heel waardevolle inleiding heeft in dit boek. En dan nog het in praktijk brengen … Voor Laozi was dat toch wel het belangrijkste. Omdat het er werkelijk om gaat dat onze individuele rol (bewustzijn en handelen inbegrepen) de grote werkelijkheid niet slechter maakt maar dient door haar patronen waar te nemen en te volgen zonder iets te forceren. Want veranderen doet alles toch al. Deze lessen bieden kansen voor inzicht (wijsheid) en leven (praktijk).

Gepubliceerd door

Boudewijn K. ⃝

--- In 1947 werd ik geboren in Sint Laurens als zoon van Suzan Huibregtse en Leen Koole (mijn zus en broers zijn Jopie, Wibo en † Rien). In 1969 trouwden Nel Knip en ik met elkaar en vormden een gezin waarin Heleen (moeder van Valerie en Michelle) en Hermen (getrouwd met Hanneke; samen vader en moeder van Manou en Tristan) werden geboren. Na Amsterdam woonden wij in Tiel en Driebergen. --- Vanaf 1965 studeerde ik in Amsterdam theologie (was student-assistent bij † prof. Harry Kuitert, VU) en filosofie (hoofdvak metafysica bij prof. Otto Duintjer, UvA; mijn afstudeeronderwerp was de eenheid van de tegenstellingen in de westerse dialectiek speciaal bij Marx en zijn voorlopers). --- Onder leiding van † prof. Gilles Quispel (UvUtr) promoveerde ik op de visie op de ‘eenheid van man en vrouw’ in het christendom (bij onder meer Jacob Böhme). Ik schreef een aantal boeken (zie in kolom links). --- Terugkerende thema's vormden de relatie tussen taal, denken en werkelijkheid (filosofisch onder meer bij Wittgenstein, Boehme en het oosterse non-dualisme) en de directe verbanden hiervan met de visies op de man-vrouw-verhouding en alle andere dualiteiten of liever non-dualiteiten via het concept van de eenheid van tegenstellingen in West en Oost, met andere woorden een universeel thema dat ik deels al eerder had ontmoet als onderwerp van mijn doctoraalscriptie. --- Mijn recente publicaties betreffen de vertaling met commentaar van Jacob Böhmes "Theoscopia" (verlichting; het zien als God), 2019, en de nieuwe inleiding in het denken van Jacob Böhme "Eenvoud en diepgang in en voorbij alle tegenstellingen", 2020. --- Tegelijk is mijn aandacht verschoven ofwel uitgebreid van het hanteren én begrijpen van woorden naar subtiele andere 'tekens' en hun be-teken-is. Of liever naar hoe wij inclusief onze wereld(en) - vice versa - 'ons' vormen en ont-vormen (opkomen, blinken en verzinken) en daarbij tegelijk zowel geheel als tegengestelden zijn, zowel verschillen tonen als de eenheid of eenheden die het zien en vergelijken van 'alles' inclusief onszelf mogelijk maken. Of met de moderne term: wat 'inclusiviteit' en 'inclusief zijn' in [kunnen] houden.